Schrijf het juiste bijwoord op. Let goed op de spelling!
Leerdoelen
•Je kunt het verschil tussen een adjective en een adverb uitleggen.
•Je kunt van een adjective een adverb maken.
•Je kunt onregelmatige varianten van adverbs herkennen en toepassen.
Wat is het verschil tussen een adjective en een adverb?
Adjectives (bijvoeglijke naamwoorden) beschrijven een zelfstandig naamwoord (noun). Ze geven meer informatie over een persoon, dier of ding.
Voorbeeld: "He is wearing a large hat." (Large beschrijft hat.)
Adverbs (bijwoorden) beschrijven een werkwoord, een ander adjective of een ander adverb. Ze geven meer informatie over hoe iets gebeurt.
Voorbeeld: "They dance beautifully." (Beautifully beschrijft dance.)
Hoe maak je van een adjective een adverb?
In de meeste gevallen voeg je -ly toe aan het einde van een adjective om een adverb te maken:
Beautiful wordt beautifully.
Kind wordt kindly.
Critical wordt critically.
Uitzonderingen
Soms moet je een kleine aanpassing maken:
Enthusiastic wordt enthusiastically (voeg -al toe voor -ly).
Happy wordt happily (vervang de y door i).
Terrible wordt terribly (vervang de e door y).

Onregelmatige adverbs
Sommige woorden zijn onregelmatig en volgen niet de standaardregels:
Fast blijft fast als adverb. Voorbeeld: "He drove very fast."
Daily blijft daily. Voorbeeld: "It is a daily paper."
Well of good?
Well gebruik je als adverb om een actie, adjective of adverb te beschrijven. Voorbeeld: "She sings very well."
Good gebruik je als adjective om een zelfstandig naamwoord te beschrijven. Voorbeeld: "Her voice is very good."













