Leerdoelen
•Je kunt uitleggen hoe arbeidsdeling en specialisatie de productiviteit verbeteren.
•Je kunt het verschil tussen een absoluut en een comparatief kostenvoordeel uitleggen en herkennen.
De basis van specialisatie: ruil en arbeidsdeling
Om te begrijpen wat specialisatie en arbeidsdeling precies inhouden, is het concept van ruil belangrijk. Geld als ruilmiddel is hierbij essentieel. Doordat iedereen geld wil hebben, kunnen we makkelijk producten en diensten met elkaar ruilen. Dit betekent dat je niet alles zelf hoeft te produceren. Deze mogelijkheid om te ruilen opent de deur naar arbeidsdeling.
Wat is arbeidsdeling?
Arbeidsdeling is het verdelen van taken. Dit kan op verschillende niveaus gebeuren:
•Tussen bedrijven: Het ene bedrijf produceert product A, terwijl het andere bedrijf product B produceert.
•Binnen bedrijven: Binnen één bedrijf worden de productietaken verdeeld over verschillende afdelingen of medewerkers.
Specialisatie
Arbeidsdeling brengt specialisatie met zich mee. Door taken te verdelen, kan elke medewerker of afdeling zich richten op één specifieke taak. Als je een taak keer op keer uitvoert, word je er steeds beter, sneller en efficiënter in. Dit proces van beter en sneller worden in één specifieke taak is specialisatie. Door te specialiseren kan een producent een product goedkoper produceren.
Kostenvoordelen door specialisatie
Specialisatie kan leiden tot verschillende soorten kostenvoordelen.
Absoluut kostenvoordeel
Een absoluut kostenvoordeel betekent dat één producent een product absoluut gezien, dus in euro's, goedkoper kan produceren dan andere producenten. Dit is een aantrekkelijke positie voor een bedrijf, omdat het je een voorsprong geeft op de concurrentie en helpt de markt te veroveren.
Comparatief kostenvoordeel
Een comparatief kostenvoordeel ontstaat wanneer de opofferingskosten van één producent lager zijn dan die van andere producenten.
Stel je voor: de concurrent is overal beter in. Maar jij bent in één specifiek product relatief gezien het minst slecht, of misschien wel veel beter in dat ene product dan in een ander product dat je zou kunnen maken. In dat geval kun je je het beste focussen op dat product waar je de laagste opofferingskosten hebt, omdat je daar relatief het meest efficiënt bent. Dit is jouw comparatieve voordeel. Het is dus zinvol om je te specialiseren, zelfs als je niet de absoluut beste bent, vanwege dit comparatieve kostenvoordeel.
Arbeidsproductiviteit
Arbeidsproductiviteit is de omvang van de productie van één arbeider in een bepaalde tijdseenheid. Het gaat hierbij dus niet om de totale productie van een bedrijf, maar om de bijdrage van één individuele medewerker (of per uur) in bijvoorbeeld een dag, week, maand of jaar. Het is belangrijk om bij vergelijkingen dezelfde tijdseenheid aan te houden.
Berekening arbeidsproductiviteit
Rekenvoorbeeld:
Een bedrijf produceert 500 tafels per week. Er werken vier mensen.
De arbeidsproductiviteit per werknemer is dan:
Verhogen van de arbeidsproductiviteit
Om de arbeidsproductiviteit zo hoog mogelijk te krijgen, is het essentieel om de productiefactoren kapitaal en arbeid op de juiste manier in te zetten.
Kapitaal-intensieve productie
Als een bedrijf meer machinale hulpmiddelen (kapitaalgoederen) inzet, stijgt de kapitaal-intensiteit van de productie. Er wordt dan meer gebruik gemaakt van machines. Dit kan de arbeidsproductiviteit aanzienlijk verhogen, omdat machines veel sneller en efficiënter taken kunnen uitvoeren dan mensenhanden. Denk bijvoorbeeld aan iemand die een naaimachine gebruikt in plaats van met de hand naait; de productie van kledingstukken zal veel sneller gaan.
Arbeidsintensieve productie
De tegenhanger hiervan is arbeidsintensieve productie, waarbij relatief veel arbeid wordt gebruikt en minder kapitaal. Een voorbeeld hiervan is een fietsenmaker die een band plakt; dit gebeurt voornamelijk met de hand en er komen weinig machines aan te pas. Bij dit soort taken ligt de arbeidsproductiviteit vaak lager, simpelweg omdat er minder gebruikgemaakt kan worden van kapitaalhulpmiddelen.




