Leg uit wat bedoeld wordt met een open economie. Gebruik in je uitleg een concreet voorbeeld van een Nederlandse onderneming.
Leerdoelen
•Je kunt uitleggen wat een open economie is;
•Je kunt uitleggen welke onderdelen tot de betalingsbalans worden gerekend;
•Je kunt uitleggen welke verschillende saldo's van de betalingsbalans afgeleid kunnen worden.
Een open economie: Nederland en de wereld
Is het buitenland eigenlijk belangrijk voor Nederland? Het antwoord is een volmondig "ja"! Nederland is een land dat, vergeleken met de omvang van zijn economie (het bruto binnenlands product), heel veel handelt met andere landen. We exporteren veel goederen en diensten, maar importeren ook volop. Daarom noemen we Nederland een open economie. Door deze openheid zijn er constant veel geldstromen: geld dat vanuit Nederland naar het buitenland gaat, en geld dat vanuit het buitenland naar Nederland komt.
De betalingsbalans: een financieel overzicht
Om al deze internationale geldstromen bij te houden, wordt de betalingsbalans gebruikt. Dit is een uitgebreid overzicht van alle economische transacties (zoals handel in goederen en diensten) die door een land met het buitenland plaatsvinden, en die in geld zijn uitgedrukt. Het geeft dus een compleet beeld van de financiële relatie die Nederland heeft met de rest van de wereld. De betalingsbalans bestaat uit verschillende onderdelen, waarvan de lopende rekening en de financiële rekening de belangrijkste zijn.

De lopende rekening: reële transacties
De lopende rekening registreert de waarde van de import en export van goederen en diensten. Dit deel staat ook wel bekend als de handelsbalans. Maar de lopende rekening omvat meer dan alleen de handel in spullen en diensten. Ook de inkomens uit de import en export van productiefactoren (denk aan arbeid en kapitaal, zoals lonen die Nederlandse bedrijven betalen aan buitenlandse werknemers of winsten van Nederlandse investeringen in het buitenland) worden hierop bijgehouden. Tot slot worden ook de inkomensoverdrachten opgenomen. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingshulp, contributies aan internationale organisaties of pensioenuitkeringen aan mensen die in het buitenland wonen. Samen worden al deze onderdelen de reële transacties met het buitenland genoemd, omdat het hier gaat om de daadwerkelijke uitwisseling van goederen, diensten en inkomens.
De financiële rekening: kapitaalstromen
Naast reële transacties zijn er ook financiële transacties met het buitenland. Deze komen terecht op de financiële rekening, die ook wel de kapitaalrekening wordt genoemd. Dit deel van de betalingsbalans omvat de totale waarde van alle geldstromen die te maken hebben met geld of kapitaal. Denk hierbij aan de import van kapitaal (buitenlandse investeringen in Nederland) en de export van kapitaal (Nederlandse investeringen in het buitenland). Het gaat hierbij dus niet om de handel in goederen of diensten, maar puur om de verplaatsing van geld en investeringen.
De saldo's van de betalingsbalans
De betalingsbalans geeft niet alleen de stromen weer, maar laat ook de saldo's zien. Een saldo is het verschil tussen de inkomende en uitgaande stromen. Een positief saldo betekent dat er meer geld binnenkomt dan eruit gaat, en omgekeerd.
Het saldo op de lopende rekening
Het saldo op de lopende rekening is een belangrijke indicator voor de internationale positie van een land. Dit saldo is namelijk gelijk aan het nationaal spaarsaldo, wat weer gelijk is aan de optelsom van het particulier spaarsaldo (wat huishoudens en bedrijven sparen) en het overheidssaldo (wat de overheid spaart of tekortkomt). Een positief saldo op de lopende rekening betekent dat Nederland meer inkomsten uit het buitenland genereert (door export, inkomsten uit productiefactoren en inkomensoverdrachten) dan dat het uitgaven aan het buitenland doet.
De onderdelen van het saldo lopende rekening
Het saldo op de lopende rekening wordt verder opgedeeld in drie specifieke saldo's:
1.Het saldo op de handelsbalans: dit is het verschil tussen de export van goederen en diensten en de import van goederen en diensten. Een positief saldo betekent dat er meer wordt geëxporteerd dan geïmporteerd.
2.Het saldo van primaire inkomens: dit betreft het verschil tussen de beloningen die een land ontvangt voor zijn productiefactoren die in het buitenland worden ingezet (bijvoorbeeld lonen voor Nederlanders in het buitenland, rente of winsten op Nederlandse investeringen in andere landen) en de beloningen die het betaalt voor buitenlandse productiefactoren die in eigen land worden gebruikt.
3.Het saldo overdrachtsinkomens: dit is het saldo van alle inkomensoverdrachten, dus het verschil tussen de ontvangen inkomensoverdrachten uit het buitenland en de betaalde inkomensoverdrachten aan het buitenland.
De optelsom van deze drie saldo's vormt samen het totale saldo op de lopende rekening.












