Uit een krant, december 2016:'Stille' prijsopdrijvingen Een reep chocolade die in gewicht is verlaagd van 225 naar 200 gram, maar nog steeds$€ 3{,}49kost; toiletpapierrollen die$14 \%minder vellen tellen dan vroeger, maar nog steeds even duur zijn; koffiepads die 0,5 gram minder koffie bevatten, maar waarvoor de consument nog steeds evenveel betaalt. Economen hebben er een naam voor: krimpflatie, een samentrekking van krimp en inflatie.Door de omvang of het gewicht van een product te verlagen, kunnen producenten voorkomen dat zij de prijzen van hun product moeten verhogen vanwege bijvoorbeeld een stijging van de grondstofkosten.Maar, het kan ook een manier zijn om meer winst te maken.De krimpflatie werd ook dit jaar niet meegenomen in het standaardmandje van producten dat het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gebruikt om de consumentenprijsindex (CPI) te bepalen. Woordvoerder Jaap Knoop van het CBS: "De consument is de dupe, want krimpflatie zorgt voor een daling van de koopkracht." |
- Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
- Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
- Stel vragen en krijg direct antwoord

De enige concurrent van Roy Bos, theeproducent Celine Stevens, wordt ook geconfronteerd met een stijging van de inkoopkosten van de grondstof thee. Beide producenten staan voor de keuze om de verkoopprijs te verhogen óf de inhoud van een doos theezakjes te verminderen. De collectieve afzet van theezakjes blijft gelijk, en beide producenten streven naar maximale winst. De keuzes van beide producenten leiden tot een winststijging, zoals blijkt uit de pay-off-matrix (zie bron 3 ).
Celine Stevens zegt hierover: "Er is geen sprake van een gevangenendilemma, en daarom kan ik het beste de inhoud van een doos thee verlagen.
Gebruik bron 3.
Bepaal of de uitspraak van Celine Stevens juist is.
Doe het als volgt:
•Leg uit hoe de dominante strategie van elk van de twee partijen tot stand komt.
•Beredeneer vervolgens of er sprake is van een gevangenendilemma.
Op deze pagina behandelen we vraag 23 van het centraal examen economie havo 2022 – tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Opgave 5 Krimpflatie, en is 2 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je:
- Oude antwoorden terugzien
- Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
- Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden