Geef van elk van de onderstaande beweringen over het post-holiday syndroom aan of deze wel of niet overeenkomt met de regels 1-14.
1.Het betreft een tijdelijke gemoedstoestand.
2.Het ontstaat door de overgang van ontspanning naar werk.
3.Het komt vooral door fysieke klachten tot uitdrukking.
4.Het kan in bepaalde gevallen tot ernstige klachten leiden.
Noteer achter elk nummer op het antwoordblad 'wel' of 'niet'.
