Drainage is het proces waarbij overtollig water op een gecontroleerde manier uit de bodem wordt afgevoerd. Het is eigenlijk het tegenovergestelde van irrigatie, waarbij juist water aan de bodem wordt toegevoegd.
Waarom is drainage zo belangrijk?
In gebieden waar de bodem van nature te nat is, kunnen plantenwortels 'verdrinken' door een gebrek aan zuurstof. Dit belemmert de groei van gewassen aanzienlijk. Door drainage wordt de waterhuishouding van de bodem geoptimaliseerd, waardoor de grond geschikt blijft voor landbouw en de boer toch een goede oogst kan realiseren.
Hoe werkt drainage in de praktijk?
Er zijn verschillende methoden om overtollig water af te voeren:
- Buisdrainage: Hierbij worden geperforeerde buizen of afvoerpijpen in de grond aangelegd. Deze vangen het overtollige water op en leiden het ondergronds weg.
- Oppervlaktedrainage: Dit zie je veel in Nederland, bijvoorbeeld in de vorm van sloten en greppels langs of in weilanden. Deze voeren het water bovengronds af, vaak richting rivieren of kanalen.
- Mechanische drainage: In gebieden waar het water niet vanzelf wegstroomt, kunnen gemalen (grote pompen) worden ingezet om het water actief weg te pompen.