Om de molariteit te berekenen na een titratie, volg je meestal de volgende stappen:
- Stel de reactievergelijking op: Zorg ervoor dat de reactievergelijking kloppend is en dat je de molverhouding tussen de reagerende stoffen kent. Dit is cruciaal voor de stoichiometrische berekeningen.
- Bereken het aantal mol van de bekende stof: Gebruik de bekende concentratie (molariteit) en het gemeten volume van de stof uit de buret (de titrant) om het aantal mol van deze stof te berekenen.
- Formule: aantal mol=molariteit (mol/L)×volume (L)
- Bereken het aantal mol van de onbekende stof: Gebruik de molverhouding uit de reactievergelijking om het aantal mol van de onbekende stof (de analyte) te bepalen dat heeft gereageerd met de bekende stof.
- Voorbeeld: Als de molverhouding 1:1 is, dan is het aantal mol van de onbekende stof gelijk aan het aantal mol van de bekende stof. Als de verhouding 1:2 is (1 mol bekende stof reageert met 2 mol onbekende stof), dan is het aantal mol van de onbekende stof twee keer zo groot.
- Bereken de molariteit van de onbekende stof: Deel het berekende aantal mol van de onbekende stof door het oorspronkelijke volume van de onbekende oplossing (de analyte) dat je hebt gebruikt voor de titratie.
- Formule: molariteit (mol/L)=volume onbekende oplossing (L)aantal mol onbekende stof
Voorbeeld:
Stel, je titreert 25,0 mL van een onbekende NaOH-oplossing met 0,100 M HCl-oplossing. Je hebt 20,0 mL HCl nodig om het equivalentiepunt te bereiken.
- Reactievergelijking: HCl (aq)+NaOH (aq)→NaCl (aq)+H2O (l)
De molverhouding HCl:NaOH is 1:1.
- Aantal mol HCl:
- Volume HCl = 20,0 mL = 0,0200 L
- Molariteit HCl = 0,100 mol/L
- Aantal mol HCl = 0,100 mol/L×0,0200 L=0,00200 mol
- Aantal mol NaOH:
- Omdat de molverhouding 1:1 is, is het aantal mol NaOH ook 0,00200 mol.
- Molariteit NaOH:
- Volume NaOH = 25,0 mL = 0,0250 L
- Molariteit NaOH = 0,0250 L0,00200 mol=0,0800 mol/L
De molariteit van de onbekende NaOH-oplossing is dus 0,0800 M.