Materialen hebben verschillende eigenschappen die bepalen waarvoor ze gebruikt kunnen worden. Hieronder staan de eigenschappen en toepassingen van enkele veelvoorkomende materialen:
- Hout
- Eigenschappen: Hout is sterk (bestand tegen druk- en trekkrachten), makkelijk te bewerken (verspaanbaar) en je kunt er goede verbindingen mee maken.
- Toepassingen: Het is ideaal voor huizen, meubels en andere constructies.
- Glas
- Eigenschappen: Glas is bestand tegen zuren, maar is ook erg breekbaar.
- Toepassingen: Het wordt vaak gebruikt voor verpakkingen (zoals mayonaisepotten) en ramen. Het is minder geschikt voor stevige constructies.
- Plastic
- Er zijn twee hoofdsoorten plastic:
- Thermoplasten: Deze zijn zacht, smelten makkelijk en zijn goed te recyclen (bijvoorbeeld LDPE en HDPE).
- Thermoharders: Deze zijn hard, smelten niet (maar verbranden) en zijn niet recyclebaar.
- Toepassingen: Thermoplasten worden gebruikt voor verpakkingen, terwijl thermoharders geschikt zijn voor hittebestendige producten.
- Composiet
- Eigenschappen: Composiet bestaat uit twee of meer materialen, bijvoorbeeld plastic versterkt met vezels zoals glasvezel. Dit maakt het sterk en licht.
- Toepassingen: Je vindt het bijvoorbeeld in frames van racefietsen.
De keuze voor een bepaald materiaal hangt af van de gewenste eigenschappen voor een specifiek doel, zoals waarom een huis van hout wordt gemaakt en niet van glas.