De gouden eeuw van Nederland
Publiek
Woorden in deze lijst (16)
Origineel
- Bourgeoisie
- De rijke burgerij die in de Republiek de leiding had.
- Staten-Generaal
- Het overkoepelende bestuur van de Republiek waarin de zeven gewesten samenwerkten en beslisten over het leger, de vloot en de buitenlandse politiek.
- Generaliteitslanden
- De gebieden die in de 17e eeuw op de Spanjaarden veroverd waren en door de Staten-Generaal werden bestuurd.
- Staten
- Het hoogste bestuur in elk gewest, waarin de steden en de adel van het gewest waren vertegenwoordigd.
- Regenten
- De bestuurders in de steden en gewesten van de Republiek.
- Vroedschap
- Een college van enkele tientallen regenten dat het bestuur van een stad vormde en burgemeesters benoemde.
- Oligarchie
- Een bestuursvorm waarbij een kleine groep rijke families de macht in handen heeft en elkaar de belangrijke banen toewijst.
- Stadhouder
- De machtigste functionaris in de Republiek, die opperbevelhebber was van het leger en de vloot en invloed had op benoemingen.
- Prinsgezinden
- Regenten die voorstander waren van een sterke macht voor de stadhouder.
- Staatsgezinden
- Regenten die de macht van de stadhouder wilden beperken of liever helemaal geen stadhouder hadden.
- Stadhouderloos tijdperk
- Een periode in de geschiedenis van de Republiek waarin er geen stadhouder was benoemd.
- Raadspensionaris
- De belangrijkste regent in zowel de Hollandse Staten als in de Staten-Generaal.
- Gouden Eeuw
- De periode van grote economische en culturele bloei in de Republiek tijdens de 17e eeuw.
- Stapelplaats
- Een stad waar goederen uit de hele wereld werden opgeslagen, verwerkt en doorverkocht.
- Gewetensvrijheid
- Het recht van mensen om te geloven wat zij willen, zonder dat zij hun godsdienst openlijk mogen uitoefenen.
- Hollandse waterlinie
- Een verdedigingssysteem waarbij polders aan de Hollandse oostgrens onder water werden gezet om vijandelijke legers tegen te houden.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–