Sinusoïden
Publiek
Woorden in deze lijst (8)
Origineel
- Sinusoïden
- De grafieken van de functies y = a + b sin(c(x - d)) en y = a + b cos(c(x - d)).
- Evenwichtsstand
- De horizontale lijn waarrond de grafiek van een sinusoïde schommelt.
- Amplitude
- De maximale uitwijking van de grafiek ten opzichte van de evenwichtsstand.
- Periode
- De kleinste afstand op de horizontale as waarna de grafiek van een periodieke functie zich herhaalt.
- Beginpunt van de sinusgrafiek
- Een punt waar de grafiek van f(x) = sin(x) stijgend door de evenwichtsstand gaat.
- Beginpunt van de cosinusgrafiek
- Een hoogste punt van de grafiek van g(x) = cos(x).
- Standaardfuncties
- De goniometrische functies f(x) = sin(x) en g(x) = cos(x) met evenwichtsstand 0, amplitude 1 en periode 2π.
- Transformaties
- Bewerkingen zoals translatie en vermenigvuldiging die op een standaardgrafiek worden toegepast om een nieuwe grafiek te verkrijgen.