Begrippenlijst
Publiek
Woorden in deze lijst (51)
Origineel
- autoluw
- Als er in een gebied weinig auto’s kunnen of mogen komen.
- bedrijfsverzamelgebouw
- Groot gebouw waar verschillende starten en kleine bedrijven bij elkaar zitten om de kosten te delen en te profiteren van elkaars ondersteuning.
- bevolkingskrimp
- Bevolkingsafname.
- bio-industrie
- Andere naam voor intensieve veeteelt, omdat het dier een ‘machine’ is en de stal de ‘fabriek’.
- circulair
- Een gesloten kringloop waarin zo veel mogelijk wordt hergebruikt en zo min mogelijk afval is.
- compactestadbeleid
- Beleid om meer woningen te bouwen in een stad en de stad daarmee dichter te maken.
- creatieve stad
- Stad met een hoog aandeel werkenden in de creatieve industrie. Vaak zijn het mensen met een hoge opleiding.
- dagelijkse voorziening
- Voorziening waarvan je (bijna) dagelijks gebruikmaakt, zoals een supermarkt.
- draagvlak
- Het aantal mogelijke klanten (of bezoekers) dat binnen de reikwijdte van een voorziening woont.
- drempelwaarde
- Het minimum aantal mogelijke klanten (of bezoekers) dat een voorziening nodig heeft om te kunnen blijven bestaan.
- duurzame stad
- Toekomstbestendige stad waar zo min mogelijk vervuilen en zo veel mogelijk recyclen en gebruiken van duurzame energie centraal staan.
- file
- Langzaam rijdend of stilstaand verkeer.
- forens
- Iemand die in een andere plaats woont dan waar hij werkt.
- gespecialiseerde voorziening
- Voorziening waar je maar (heel) weinig gebruik van maakt, zoals een musicaltheater.
- grondgebonden
- Agrarische productie die plaatsvindt op het land in de directe omgeving van het boerenbedrijf, zoals akkerbouw.
- herinrichting
- Een gebied opnieuw inrichten, vaak met verandering van het ruimtegebruik.
- hittestress
- Lichamelijke klachten die worden veroorzaakt door extreme hitte.
- huishoudverdunning
- Afname van het gemiddelde aantal mensen dat samen in een huis woont.
- infrastructuur
- Alle voorzieningen die nodig zijn om personen, goederen of informatie te vervoeren.
- inrichting
- Het gebruik van de ruimte voor wonen, werken, verkeer en recreatie. Het ook ruimtegebruik.
- intensieve akkerbouw
- Akkerbouw met inzet van veel kapitaal en kennis per hectare om een hoge opbrengst te halen.
- intensieve landbouw
- Landbouw met inzet van veel kapitaal en kennis per hectare of dier om een hoge opbrengst te halen.
- intensieve veeteelt
- Veeteelt met inzet van veel kapitaal en kennis per dier om een hoge opbrengst te halen.
- intensivering
- De productie per hectare of per dier vergroten met machines, kunstmest, bestrijdingsmiddelen en beter zaai-of pootgoed.
- kennisstad
- Stad als brandpunt voor onderwijs en onderzoek met veel bedrijven en organisaties op het gebied van kennis en innovatie.
- klimaatbestendige inrichting
- Inrichting die wateroverlast, droogte en hitte vermindert.
- klimaatneutraal
- Als niet wordt bijgedragen aan klimaatverandering.
- landelijk gebied
- Gebied met weinig bebouwing en veel open ruimte. Heet ook platteland.
- leefbaarheid
- Mate waarin een gebied (zoals een woonwijk) geschikt en prettig is om in te leven.
- mobiliteit
- De verplaatsing van mensen en goederen met behulp van een vervoermiddel.
- niet-grondgebonden
- Agrarische productie die onafhankelijk van het land uitgevoerd kan worden, zoals de bio-industrie.
- openbaar vervoer (ov)
- Personenvervoer volgens een dienstregeling met trein, bus, boot, metro of (snel)tram.
- platteland
- Zie landelijk gebied.
- reikwijdte
- De maximale afstand die mensen willen reizen om van een voorziening gebruik te maken.
- re-urbanisatie
- Bevolkingsgroei in een stad na een periode van suburbanisatie.
- ruimtegebruik
- Zie inrichting.
- ruimtelijke ordening
- Het maken van plannen voor de inrichting van een gebied.
- schaalvergroting
- Productie in steeds grotere eenheden (in de landbouw: meer dieren of gewassen) om op die manier de productiekosten te verlagen en de opbrengsten te vergroten.
- selectieve migratie
- Migratie vanwege bepaalde kenmerken, zoals leeftijd, inkomen of opleidingsniveau.
- smart city
- Stad waar de overheid slimme, digitale technologieën inzet om de dienstverlening aan de burgers te verbeteren.
- sociale huurwoning
- Goedkope huurwoning voor mensen met een laag inkomen.
- specialisatie
- Zich binnen een bedrijf of gebied steeds meer toeleggen op één activiteit of product. In de landbouw: de keuze voor het verbouwen van één gewas of het houden van één diersoort.
- spits
- De periode op een dag met het meeste verkeer, meestal in de ochtend en aan het einde van de middag.
- spreidingsbeleid
- Beleid om woningen (en werkplekken en voorzieningen) gelijkmatiger over Nederland te verdelen.
- verdichting
- Binnen de bestaande steden bijbouwen in lege of in onbruik geraakte gebieden om zo de ruimte in de stad efficiënter te benutten.
- vergroening
- Meer groen aanbrengen in de woonomgeving.
- vertical farm
- Het op verschillende verdiepingen telen van gewassen of het houden van dieren.
- vervoersarmoede
- Wanneer iemand door beperkte verplaatsingsmogelijkheden niet kan deelnemen aan ‘normale’ dagelijkse activiteiten, zoals boodschappen doen, onderwijs volgen of werken.
- woningbezetting
- Het gemiddelde aantal mensen dat samen in een huis woont.
- woningdichtheid
- Het aantal woningen per vierkante kilometer.
- woon-werkverkeer
- Reizen tussen woonplaats en werkplek.