Biologie - THEMA 3: ORDENING - Begrippen

Publiek
3keer geoefend
Woorden in deze lijst (40)
Origineel
- kenmerk
- eigenschap waarmee je een organisme kunt onderscheiden van andere organismen
- prokaryoot
- organismen bestaande uit één cel zonder een celkern
- eukaryoot
- organisms bestaande uit één of meerdere cellen met een celkern
- rijk
- organisms binnen een hoofdgroep die zijn ingedeeld in kleinere groepen
- eencellig
- uit één cel bestaand
- meercellig
- uit meerdere cellen bestaand
- vertakkingsschema
- schema waarin je de indeling van organisms in steeds kleinere groepen kunt weergeven
- ras
- groep waarin je de organisms van één soort kunt indelen
- variatie
- kleine verschillen tussen organisms van dezelfde soort
- selectie
- proces waarbij meer nakomelingen overleven van één variant dan van andere varianten
- evolutie
- ontwikkeling van het leven op aarde waarbij soorten ontstaan, veranderen en verdwijnen
- verwant
- overeenkomsten in het DNA van verschillende organisms
- symmetrisch
- in twee gelijke helften te verdelen
- tweezijdig symmetrisch
- op één manier in twee gelijke helften te verdelen
- veelzijdig symmetrisch
- op meerdere manieren in gelijke helften te verdelen
- niet-symmetrisch
- op geen enkele manier in twee gelijke helften te verdelen
- skelet
- stevige delen van een dier
- inwendig skelet
- een skelet dat aan de binnenkant van een lichaam zit
- uitwendig skelet
- een skelet dat aan de buitenkant van een lichaam zit
- vaatplanten
- planten die vaten hebben voor het transport van stoffen
- spore
- cel waaruit een nieuwe sporenplant kan ontstaan
- zaadplanten
- planten met wortels, stengels, bladeren en bloemen
- sporenplanten
- planten met wortels, stengels en bladeren, maar geen bloemen
- wieren
- eencellige of meercellige organisms met bladgroenkorrels
- gisten
- eencellige schimmels
- schimmeldraden
- lange dunne draden van meercellige schimmels
- knop
- hieruit ontstaat een nieuwe gistcel
- paddenstoel
- speciaal orgaan waar de sporen in ontstaan bij sommige schimmelsoorten
- infectie
- besmetting met bacteriën of schimmels die ziekten veroorzaken
- biotechnologie
- technieken waarbij mensen organisms gebruiken om producten te maken
- antibioticum
- geneesmiddel dat bacteriën doodt
- warmbloedig
- de lichaamstemperatuur is altijd even hoog
- koudbloedig
- de lichaamstemperatuur is gelijk aan de temperatuur van de omgeving
- levendbarend
- levende jongen baren
- zogen
- melk geven van een moeder aan haar jongen
- leden
- stukjes waaruit de poten van geleedpotigen zijn opgebouwd
- segmenten
- stukjes waaruit een deel van het lichaam van geleedpotigen is opgebouwd
- kop
- voorste deel van een insect
- borststuk
- middelste deel van een insect
- achterlijf
- achterste deel van een insect