Een buurtprofiel maken
Publiek
Woorden in deze lijst (18)
Origineel
- Buurtprofiel
- Een overzicht dat laat zien hoe een buurt of wijk ervoor staat op basis van kenmerken van de woningen, de bewoners en de woonomgeving.
- Leefbaarheid
- De mate waarin de kenmerken van een woonwijk ervoor zorgen dat de inwoners zich er prettig of niet prettig voelen.
- Woningtype
- Het gemakkelijkst zichtbare kenmerk van de woningen in een woonwijk.
- Eengezinswoningen
- Woningen die bedoeld zijn voor één huishouden, zoals vrijstaande huizen, twee-onder-een-kapwoningen en rijtjeswoningen.
- Laagbouw
- Woningen die bestaan uit één, twee of drie verdiepingen.
- Meergezinswoningen
- Woningen die een voorbeeld zijn van gestapelde bouw, zoals flats met appartementen en beneden- en bovenwoningen.
- Hoogbouw
- Gebouwen die bestaan uit meer dan vier verdiepingen.
- Nieuwbouwwijken
- Wijken met woningen die jonger zijn dan dertig jaar.
- Koopwoning
- Een woning waarvan de bewoners zelf de eigenaar zijn.
- Huurwoning
- Een woning waarbij de bewoner zelf geen eigenaar is, maar het huis huurt van een andere eigenaar.
- Huishouden
- Eén of meer mensen die samen in een huis wonen.
- Huishoudensgrootte
- Het aantal mensen dat in één woning woont.
- Gezinsfase
- De samenstelling van een huishouden, zoals gezinnen met kinderen, stellen zonder kinderen en eenpersoonshuishoudens.
- Leeftijdsopbouw
- De verdeling van verschillende leeftijdsgroepen, zoals kinderen of ouderen, over een wijk.
- Etniciteit
- Kenmerk van bewoners dat te maken heeft met hun herkomst, zoals een niet-westerse migratieachtergrond.
- Voorzieningen
- Diensten en faciliteiten in een wijk, zoals winkels, kerken, buurthuizen, speeltuinen en trapveldjes.
- Openbare ruimte
- De gedeelde buitenruimte in een wijk, zoals straten, groenvoorzieningen en parkeergelegenheid.
- Sociale veiligheid
- De mate waarin bewoners zich veilig voelen in hun wijk, afgeleid uit zaken als inbraken en het gevoel van veiligheid op straat.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–