Leerboek - 2 vmbo-t/havo - 5 Ontdekkers & hervormers
Publiek
Woorden in deze lijst (44)
Origineel
- kunstenaar
- Iemand die kunst maakt.
- kunst
- Maken van beeldhouwwerken, schilderijen, gebouwen en andere objecten die bedoeld zijn om mooi gevonden te worden of iets te versieren.
- Renaissance
- Beweging in de kunst die erop uit was de kunst van de Grieken en Romeinen weer te laten herleven (renaissance is Frans voor ‘wedergeboorte’).
- burger
- Iemand die volop meetelt als lid van een samenleving en gelijkwaardig is aan andere leden van die samenleving: burgers van een stad, burgers van een land.
- handelaar
- Iemand die zich bezighoudt met handel. Hetzelfde als een koopman.
- ambachtsman
- Een ambachtsman is iemand die met handwerk een product maakt in een klein eigen bedrijf. Dat handwerk wordt dan een ambacht genoemd, bijvoorbeeld timmeren of kleermaken.
- geld
- Ruilmiddel met een vaste waarde waardoor kopen en verkopen gemakkelijk wordt.
- derde stand
- Groep van rijke en welvarende burgers die net als de adel en de geestelijkheid voorrechten had boven de ‘gewone mensen’.
- paus
- Het hoofd van de rooms-katholieke kerk met als woonplaats Rome.
- kathedraal
- Belangrijk kerkgebouw waarin een bisschop gevestigd is.
- keizer
- Hoogste vorst in een groot rijk, bijvoorbeeld het Romeinse of Chinese Rijk. Binnen Europa ook: hoogste vorst onder de vorsten van Europa die zich beschouwde als opvolger van de Romeinse keizers.
- geestelijke
- Geestelijken zijn een stand van mensen (de geestelijkheid) die hun hele leven bezig zijn met de christelijke godsdienst.
- aflaatbrief
- Brief namens de paus waarin staat dat je zonden vergeven zijn.
- hel
- Onderwereld, plaats waarvan gelovigen denken dat mensen er na hun dood terechtkomen als ze een leven met veel zonden hebben geleid; een plaats waar duivels wonen en waar mensen eeuwig verschrikkelijk moeten lijden. Het kan niet worden bewezen dat er een hel bestaat.
- zonde
- Kwade daad die ingaat tegen de regels van de godsdienst.
- vergeving
- Iemand die de schuld van iets heeft daarop niet langer aankijken, hem of haar geen straf geven en zeggen dat alles weer goed is.
- reclame
- Aanprijzing van een bepaald product zodat het beter verkocht wordt.
- zegel
- Soort stempel in was afgedrukt om de echtheid van een document te garanderen.
- monnik
- Iemand die zijn hele leven besteedt aan de christelijke godsdienst en woont in een klooster.
- priester
- Iemand die contact met de goden of met God onderhoudt, bijvoorbeeld door offers te brengen.
- berouw
- Diepe spijt dat je iets gedaan hebt, meestal iets slechts.
- hemel
- Paradijs, plaats waarvan gelovigen denken dat mensen er na hun dood terechtkomen als ze een voorbeeldig en goed leven hebben geleid; een plaats waarvan gedacht wordt dat God of de goden er wonen en dat je er eeuwig het allermooiste leven hebt. Het kan niet worden bewezen dat er een hemel bestaat.
- protestant
- Christenen die zich hebben afgesplitst van de rooms-katholieke kerk zijn protestanten; ze zijn er sinds de Reformatie van de 16de eeuw.
- rooms-katholiek
- Christelijke kerk die vanuit Rome geleid wordt door de paus. Tot de Reformatie van de 16de eeuw was de rooms-katholieke kerk de enige. Katholiek betekent ‘algemeen’ en rooms betekent ‘geleid vanuit Rome’.
- predikant
- Degene die in een protestantse kerkdienst de Bijbel uitlegt.
- afgod
- Als een god vereerd wordt die door anderen als ‘geen echte god’ wordt beschouwd, noemen die anderen zo’n god een afgod.
- godsdienst
- Geloof in één of meer goden en verering van die god of goden.
- christendom
- Godsdienst van de volgelingen van Jezus Christus, een joodse godsdienstige leider die omstreeks het begin van de jaartelling in Palestina leefde. Eeuwenlang de belangrijkste godsdienst in Europa.
- beeldenstorm
- Verwoesten en vernietigen van beelden in rooms-katholieke kerken.
- erfenis
- Iets wat je krijgt door het te erven, dat wil zeggen: in bezit krijgt doordat een (voor)ouder overlijdt.
- graaf
- Volgeling van een vorst die een belangrijk gebied als leen heeft gekregen om dat te besturen.
- hertog
- Volgeling van een vorst die een belangrijk gebied als leen heeft gekregen om dat te besturen. Een hertog heeft een hogere rang dan een graaf.
- provincie
- Door de Romeinen veroverd gebied buiten Italië. Later ook gebruikt voor: onderdeel van een rijk of staat waarin een eigen plaatselijk bestuur bestaat.
- bestuur
- Leidinggeven aan een land of een bedrijf; aanwijzingen geven voor hoe dingen moeten worden gedaan.
- voorrecht
- Iets mogen wat een ander niet mag. Beter behandeld worden dan anderen.
- edele
- Iemand die als grondbezitter voorrechten heeft boven het gewone volk en vaak denkt dat zijn familie uit betere mensen bestaat.
- stadsrecht
- Recht van een stad om een eigen zelfstandig bestuur te vormen, met een eigen rechtspraak.
- vorst
- Prins, koning of keizer, iedereen die regeert omdat hij bij een bepaalde familie hoort.
- feodale versnippering
- Als een land opgedeeld raakt in allemaal kleine stukjes doordat volgelingen van de vorst hun eigen gang gaan, noem je dat feodale versnippering.
- staat
- Gebied binnen grenzen waarover één regering de macht heeft.
- watergeuzen
- Nederlanders die op de vlucht waren voor de Spaanse koning Filips II en gewapend verzet tegen hem pleegden.
- opstand
- Groot verzet tegen degenen die ergens de baas zijn.
- burgeroorlog
- Onderlinge oorlog tussen de inwoners van één land.
- verbond
- Overeenkomst tussen mensen of staten om samen iets te doen.