Overzicht begrippen chemie van het leven
Publiek
Woorden in deze lijst (7)
Origineel
- Aminozuur
- Een aminozuur is een carbonzuur met een aminogroep op het tweede koolstofatoom. Je lichaam kan aminozuren hergebruiken, maar sommige aminozuren moet je via voeding binnenkrijgen. Dat zijn de essentiéle aminozuren. Overtollige aminozuren worden als ureum via de urine uitgescheiden.
- DNA
- Het DNA bevat de genetische code van een organisme. Een DNA-molecuul bestaat uit nucleotideketens. Een nucleotideketen is opgebouwd uit D-2-deoxyribose, een fosfaatgroep en vier basen. De base adenine is altijd gepaard aan thymine en guanine is altijd gepaard aan cytosine.
- Eiwit
- Een eiwit is een polymeer dat is opgebouwd uit aminozuren. De aminozuren binden door middel van een condensatiereactie, waarbij peptidebindingen ontstaan. De structuur van een eiwit kun je beschrijven op vier niveaus. De primaire structuur is de volgorde en het aantal van de verschillende aminozuren in het eiwit. Door waterstofbruggen tussen aminozuureenheden worden o-helixen en B-sheets gevormd, dit is de secundaire structuur. De ruimtelijke bouw van het hele eiwit is de tertiaire structuur. Hierbij spelen aantrekkingskrachten en bindingen van de R-groepen van de aminozuureenheden een rol.
- Hydrolysereactie
- Koolhydraten, vetten en eiwitten worden afgebroken door een hydrolysereactie waarvoor watermoleculen nodig zijn. Uit koolhydraten ontstaan zo losse monosachariden, uit vetten glycerol en losse vetzuren en uit eiwitten losse aminozuren.
- Koolhydraat
- Ook wel sachariden of suikers genoemd. De moleculen voldoen aan de algemene formule C_{n}H_{2m}O_{m} en bestaan uit ringvormige eenheden van vijf of zes koolstofatomen. Een monosacharide bestaat uit één, een disacharide uit twee en een polysacharide uit meerdere van deze ringvormige eenheden.
- Olie/
vet - Een vetmolecuul ontstaat uit de reactie tussen glycerol en vetzuren. Een vetzuur is een carbonzuur met een lange koolstofketen. Vetzuren kunnen alleen enkelvoudige bindingen bevatten (verzadigde vetzuren), of één of meer dubbele bindingen (onverzadigde vetzuren). Sommige vetzuren moet je via voedsel binnenkrijgen, dat zijn de essentiële vetzuren.
- RNA
- RNA bestaat in tegenstelling tot DNA uit een enkele nucleotideketen, bevat D-ribose in plaats van D-2-deoxyribose en bevat de base uracil (U) in plaats van thymine (T). Het RNA (mRNA) zorgt in de cel voor de vorming van eiwitten. Een groep van drie nucleotiden op het mRNA, een codon, codeert samen voor een bepaald aminozuur.
–
–
–
–
–
–
–