Het skelet van de mens
Publiek
Woorden in deze lijst (13)
Origineel
- Skelet (geraamte)
- Het inwendige geraamte van een mens dat bestaat uit meer dan tweehonderd botten.
- Botten (beenderen)
- De delen waaruit het skelet is opgebouwd.
- Ledematen
- De armen en de benen van het menselijk lichaam.
- Schedel
- De botten in het hoofd die samen de schedel vormen en worden gedragen door de wervelkolom.
- Wervelkolom
- Het deel van het skelet dat bestaat uit de wervels, het heiligbeen en het staartbeen.
- Borstkas
- Het deel van het skelet dat wordt gevormd door de borstwervels, de ribben en het borstbeen.
- Schoudergordel
- Deel van het skelet dat wordt gevormd door de schouderbladen en de sleutelbeenderen.
- Bekkengordel (bekken)
- Deel van het skelet dat wordt gevormd door de heupbeenderen.
- Pijpbeenderen
- Langwerpige botten die vooral voorkomen in de ledematen en een mergholte bevatten.
- Platte beenderen
- Botten die vooral voorkomen in de schedel en de romp en geen mergholte hebben.
- Rood beenmerg
- Weefsel in de koppen van pijpbeenderen en in platte beenderen waarin bloedcellen worden gevormd.
- Mergholte
- De holte tussen de koppen van een pijpbeen waarin zich geel beenmerg bevindt.
- Geel beenmerg
- Weefsel in de mergholte van pijpbeenderen waarin vet is opgeslagen.