Wiskunde
Publiek
1
Woorden in deze lijst (11)
Origineel
- Lijnsymmetrie
- Een figuur is lijn symmetrisch als je een lijn (de symmetrieas) door het midden kunt trekken, waarbij de ene helft de spiegelbeeldige vorm is van de andere helft.
- Symmetrieën
- De lijn waarlangs je een figuur kunt spiegelen.
- Spiegelbeeld
- De vorm die ontstaat na het spiegelen (de afstand van een punt tot de as is gelijk aan de afstand van het spiegelbeeld tot de as).
- Gelijkzijdige driehoek
- Een driehoek waarbij alle drie de zijden even lang zijn en alle drie de hoeken 60^ zijn.
- Gelijkbenige driehoek
- Een driehoek met twee zijden die even lang zijn. De hoeken tegenover deze zijden zijn ook gelijk aan elkaar.
- Parallellogram
- Een vierhoek waarbij de tegenoverliggende zijden even lang zijn en parallel lopen.
- Rechthoek
- Een parallellogram waarbij alle hoeken 90^zijn.
- Ruit
- Een parallellogram waarbij alle vier de zijden even lang zijn.
- Vierkant
- Een combinatie van een rechthoek en een ruit (alle zijden even lang én alle hoeken 90^.
- Z-hoeken
- De hoeken die gevormd worden in de "knikken" van een Z-vorm. Als de lijnen parallel zijn, zijn de Z-hoeken gelijk aan elkaar.
- F-hoeken
- (Correspondent)gelijk aan elkaar.