FLEX-boek - 4 vmbo-k - H2 - Begrippen 2.1
Publiek
Woorden in deze lijst (7)
Origineel
- Budgetteren
- Je inkomsten en uitgaven op elkaar afstemmen.
- Begroting
- (Budgetplan) Een overzicht van je verwachte inkomsten en uitgaven.
- Dagelijkse uitgaven
- Huishoudelijke uitgaven, zoals in de supermarkt, voor persoonlijke verzorging, cadeautjes en uitgaan.
- Incidentele uitgaven
- Uitgaven die je niet zo vaak doet, zoals voor vakantie of huishoudelijke apparaten.
- Nibud
- Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting.Het Nibud geeft voorlichting over hoe je je inkomsten en uitgaven het best op elkaar kunt afstemmen.
- Reserveren
- Je zet geld opzij om later een bepaalde grote uitgave te kunnen doen.
- Vaste lasten
- De uitgaven die je met een vaste regelmaat moet betalen,zoals huur of abonnementen.
–
–
–
–
–
–
–