Katern 8 Goede tijden, slechte tijden - 4/5/6 vwo (7e) - 2.1 Het Keynesiaanse kruis
Publiek
Woorden in deze lijst (12)
Origineel
- effectieve vraag
- De totale vraag in een land naar producten en diensten die worden voortgebracht uit de productiefactoren in een land.
- Keynesiaanse kruis
- Het Keynesiaanse kruis geeft het evenwicht weer op de goederenmarkt van een economie. Het model geeft het verband weer tussen de bestedingen (de effectieve vraag: C + I + O) en het inkomen (Y).
- bestedingslijn
- De bestedingslijn geeft weer wat de bestedingen zullen zijn van consumenten, bedrijven en de overheid bij een bepaald inkomensniveau.
- autonome consumptie
- Consumptie die onafhankelijk van het inkomen worden gedaan.
- autonome investeringen
- Investeringen van bedrijven die onafhankelijk van het inkomen worden gedaan.
- autonome overheidsbestedingen
- Bestedingen van de overheid die onafhankelijk van het inkomen worden gedaan.
- (marginale) consumptiequote
- Het percentage van het inkomen dat wordt besteed aan consumptie. De marginale consumptiequote bereken je door de verandering van de consumptie (C) te delen door de verandering van het inkomen (Y).
- multipliereffect
- Effect dat wanneer de marginale consumptiequote of een autonome besteding toeneemt (bijv. overheidsbesteding), het effect op de totale bestedingen in een land groter zal zijn dan de toename van de oorspronkelijke besteding zelf.
- spaarlek
- Het spaarlek geeft aan hoeveel van het inkomen consumenten sparen, en dus niet uitgeven.
- marginale spaarquote
- De marginale spaarquote geeft aan welk deel van het extra inkomen consumenten sparen, en dus niet uitgeven.
- belastinglek
- Het belastinglek geeft aan hoeveel van het inkomen consumenten aan belasting moeten betalen, en dus niet kunnen uitgeven.
- marginale belastingquote
- De marginale belastingquote geeft aan welk deel van het extra inkomen consumenten aan belasting moeten betalen, en dus niet kunnen uitgeven.