4. Milieuvraagstukken
Publiek
Woorden in deze lijst (17)
Origineel
- circulaire economie (kringloopeconomie)
- Economie die grondstoffen voortdurend en volledig hergebruikt en die geen afval produceert.
- draagkracht
- Het vermogen van de aarde om duurzaam aan de behoeften van de mens te voldoen,zonder dat dit ten koste gaat van het milieu.
- ecosysteem
- Een gemeenschap van dieren en planten (organismen) in een gebied,waarbij er een wisselwerking is tussen de organismen onderling en tussen de organismen en de niet-levende natuur (bodem,water en lucht).
- eutrofiƫring
- Situatie waarbij er te veel voedingsstoffen in de bodem of het water terechtkomen,waardoor sommige organismen sterk toenemen ten koste van andere organismen.
- koolstofkringloop
- Kringloop die laat zien hoe het element koolstof circuleert tussen allerlei chemische verbindingen op aarde.
- kringloopeconomie (circulaire economie)
- Economie die grondstoffen voortdurend en volledig hergebruikt en die geen afval produceert.
- lineaire economie
- Economie waarin voor nieuwe producten steeds weer nieuwe grondstoffen nodig zijn,die voornamelijk uit de natuur worden gehaald.Producten belanden na gebruik bij het afval.
- milieu
- De omstandigheden waarin organismen leven,zoals de water- en bodemkwaliteit en de concurrentie met andere organismen.
- milieubeleid
- Regels en maatregelen van de overheid die de kwaliteit van de leefomgeving verbeteren.
- milieuramp
- Veel schade aan een ecosysteem doordat er grote hoeveelheden schadelijke stoffen of radioactive straling in het water,de lucht en/
of de bodem terechtkomen. - permafrost
- Altijd bevroren ondergrond in koude klimaatgebieden.
- ruimtelijke ordening
- Het doelmatig inrichten van de leefomgeving door de overheid met ruimtelijke plannen.
- uitputting
- Achteruitgang van de bodemkwaliteit door te intensief grondgebruik.
- versterkt broeikaseffect
- Door de toename van broeikasgassen door menselijke activiteiten wordt er meer warmte in de atmosfeer vastgehouden en stijgt wereldwijd de temperatuur.
- vervuiling
- Situatie waarbij er schadelijke stoffen in het milieu terechtkomen.
- verzilting
- Toename van het zoutgehalte van de bodem of van zoet water.
- verzurering
- Verzurende stoffen uit de lucht slaan neer en komen in het water en de bodem terecht.