De Geo - Leerboek - 1 havo/vwo (Editie 2022) - Gambia: de smiling coast van Afrika - Begrippen
Publiek
Woorden in deze lijst (57)
Origineel
- analfabetisme
- Het percentage van de bevolking ouder dan 15 jaar dat niet kan lezen of schrijven.
- arbeidsmigrant
- Iemand die ergens anders gaat werken vanwege gebrek aan werk en geld in zijn eigen gebied.
- basisbehoefte
- Iets wat iedereen echt nodig heeft om redelijk te kunnen leven: voedsel, huisvesting, onderwijs en gezondheidszorg.
- bevolkingsconcentratie
- Opeenhoping van mensen in een gebied.
- bevolkingsdichtheid
- Het gemiddelde aantal inwoners per vierkante kilometer (inw/
km²). - bevolkingskenmerk
- Kenmerk van de bevolking van een gebied.
- bevolkingsspreiding
- De verdeling van de mensen over een land of gebied.
- braindrain
- Het vertrek van goedopgeleide mensen naar het buitenland.
- bruto nationaal product/
bnp - Het geld dat alle inwoners in een land samen verdienen.
- cultuur
- Alles wat je hebt aangeleerd.
- delta
- Gebied vlak voor de monding, waar de rivier zich vertakt in veel rivieren.
- directe werkgelegenheid
- Werkgelegenheid die voortkomt uit een bepaalde activiteit.
- donorland
- Land dat ontwikkelingshulp geeft.
- etnische groep
- Deel van een volk dat in een ander land (bij elkaar) woont.
- geboortecijfer
- Het gemiddelde aantal levendgeborenen per duizend inwoners per jaar.
- indirecte werkgelegenheid
- Extra werkgelegenheid die niet direct ontstaat door een bepaalde activiteit, maar die daaruit voortvloeit.
- informele sector
- Ongeschoold, slechtbetaald werk in de dienstensector.
- infrastructuur
- Alle voorzieningen die nodig zijn om personen, goederen en informatie te vervoeren.
- klimaat
- Het gemiddelde weer in een bepaald gebied over dertig of veertig jaar.
- klimaatdiagram
- Diagram met de gemiddelde temperatuur en neerslag van een plaats of een gebied.
- kolonie
- Gebied in een ander wereldddeel dat in bezit is van (meestal) een Europees land.
- koopkracht
- Het aantal goederen of diensten dat je van je geld kunt kopen.
- kunstmatige grens
- Grens die door mensen is bepaald.
- landbouw
- Het houden van dieren of het verbouwen van gewassen voor menselijk gebruik.
- levensverwachting
- Het gemiddelde aantal te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd.
- mangrove
- Boom die langs tropische kusten leeft in zout water.
- massatoerisme
- Toerisme waarbij heel veel toeristen op dezelfde plek verblijven.
- monocultuur
- Het verbouwen van één product.
- multiculturele samenleving
- Samenleving van mensen uit verschillende culturen.
- natuurgodsdienst
- Geloof in het bestaan van goede en kwade geesten.
- natuurlijke grens
- Grens langs een natuurlijk obstakel, zoals een rivier of een gebergte.
- nomade
- Iemand zonder vaste woonplaats.
- noodhulp
- Hulp om te kunnen overleven bij een hongersnood of na een natuurramp.
- ontbossing
- Het kappen van bossen.
- ontwikkelingshulp
- Steun die arme landen krijgen om hun levensomstandigheden te verbeteren.
- ontwikkelingskenmerk
- Kenmerk waarmee je de armoede of rijkdom in een gebied kunt meten.
- ontwikkelingspeil
- Het niveau van de armoede of rijkdom in een land.
- ontwikkelingssamenwerking
- Rijke landen werken samen met arme landen om hun levensomstandigheden te verbeteren.
- plantage
- Landbouwonderneming waar op grote schaal één product wordt verbouwd.
- primaire sector
- Werk waarbij producten regelrecht uit de natuur worden gehaald.
- pullfactor
- Reden die een gebied aantrekkelijk maakt voor migranten.
- pushfactor
- Reden om te verhuizen uit een bepaald gebied.
- savanne
- Landschap in de tropen met hoge grassen, afgewisseld met groepjes bomen en struiken.
- secundaire sector
- Werk waarbij producten uit de primaire sector worden bewerkt.
- seizoenswerk
- Werk dat slechts een deel van het jaar beschikbaar is.
- staat
- Een gebied met duidelijke grenzen en een bestuur dat eigen baas is (soeverein).
- sterftecijfer
- Het gemiddelde aantal overleden personen per duizend inwoners per jaar.
- structurele hulp
- Hulp waar een land blijvend iets aan heeft.
- tertiaire sector
- Alle bedrijven die zich bezighouden met het verlenen van diensten.
- toerisme
- Reizen naar en verblijven op een plaats buiten je normale omgeving. Iemand die minstens 24 uur en niet langer dan een jaar ergens anders verblijft, is een toerist.
- toeristenindustrie
- Mensen en bedrijven die zich bezighouden met toerisme.
- tropen
- Warme luchtstreek bij de evenaar tussen 23½º N.B. en 23½º Z.B.
- urbanisatie
- Het proces waarbij steeds meer mensen in de stad gaan wonen. Heet ook verstedelijking.
- verstedelijking
- Het proces waarbij steeds meer mensen in de stad gaan wonen. Heet ook verstedelijking.
- zelfvoorzienend
- Productie voor eigen gebruik.
- zuigelingensterfte
- Het gemiddelde aantal kinderen dat in het eerste levensjaar overlijdt, per duizend levendgeborenen, per jaar.
- zwakke staat
- Staat waarin de overheid slecht functioneert.