Begrippen - 1 De wereld tot 1500
Publiek
Woorden in deze lijst (42)
Origineel
- adel
- Machtige groep in de samenleving, bestaande uit militaire leiders en/
of lokale bestuurders en hun familie. Adel is in veel samenlevingen erfelijk. - agrarische revolutie
- De overgang van jagen en verzamelen als voornaamste middel van bestaan naar een sedentair bestaan als boer.
- agrarische samenleving
- Samenleving waarin de meeste mensen leven van akkerbouw en veeteelt. Ook wel: landbouwsamenleving.
- aristocratie
- Vorm van bestuur waarbij de macht beperkt blijft tot een aantal families (adel).
- Bijbel
- Het heilige boek van de christenen, dat uit twee delen bestaat: het Oude Testament (met boeken die ook heilig zijn voor joden) en het Nieuwe Testament (met verhalen over het leven van Christus en zijn eerste volgelingen).
- boeddhisme
- De levensleer die gesticht is door Boeddha en waarin het bereiken van verlichting centraal staat.
- burger
- Een inwoner van een stad, staat of staat.
- centraal bestuur
- Een vorm van bestuur waarbij de macht is geconcentreerd in één persoon of een kleine groep mensen.
- christendom
- Het geloof in Jezus Christus als de zoon van God en de verlosser van de mensheid.
- confucianisme
- Een filosofische en ethische leer die is gebaseerd op de geschriften van Confucius.
- democratie
- Vorm van bestuur waarbij alle burgers invloed hebben op het beleid van de staat.
- dynastie
- Reeks van heersers uit dezelfde familie.
- expansie
- De uitbreiding van een gebied of invloed.
- hiërarchie
- Een rangorde binnen de samenleving of een onderdeel daarvan, op basis van aanzien en macht.
- hindoeïsme
- Polytheïstische godsdienst, ontstaan in India. Hindoes vereren een eeuwige ziel die steeds terugkeert op aarde.
- homo sapiens
- De laatste en enige menssoort die nu nog bestaat en waartoe wij behoren. (Letterlijk: de wetende mens).
- horige
- Een halfvrije boer.
- imperium
- Een groot rijk, waarin één vorst (of regering) over verschillende volken heerst.
- islam
- Monotheïstische godsdienst die gebaseerd is op de Koran en de uitspraken van de profeet Mohammed.
- jager-verzamelaars
- Mensen die leven van de jacht, de visserij en het verzamelen van voedsel.
- jodendom
- Monotheïstische godsdienst van de joden, gebaseerd op de leer van de Hebreeuwse Bijbel (in de christelijke Bijbel het Oude Testament).
- kaste
- Een sociale hiërarchie met gesloten groepen, waarin mensen binnen hun eigen groep mogen trouwen. In India staan de priesters (brahmanen) de top van de kaste.
- ketter
- Andersdenkende binnen het christendom.
- ketterij
- Geloven of ideeën die afwijken van de officiële kerkelijke leer.
- klassieke cultuur
- Grieks-Romeinse cultuur.
- kruistocht
- Grootse militaire expeditie gericht tegen heidenen, joden of moslims en waarbij de katholieke deelnemers beloofd werd dat hun zonden werden vergeven.
- landbouwsamenleving
- Samenleving waarin de meeste mensen leven van akkerbouw en veeteelt. Ook wel: agrarische samenleving.
- monarchie
- Vorm van bestuur met een koning aan het hoofd. Het koningschap is erfelijk.
- monotheïsme
- Het geloof in één god.
- nomaden
- Mensen die geen vaste woonplaats hebben, maar rondtrekken op zoek naar voedsel.
- polytheïsme
- Godsdienst waarbij mensen geloven in meerdere goden.
- prehistorie
- Periode waarin een volk geen schrift gebruikt.
- privilege
- Voorrecht. Een recht dat alleen is toegekend aan een specifieke groep mensen.
- republiek
- Staat die door (een deel van) de burgers zelf wordt bestuurd en niet door een koning of keizer.
- ritueel
- Een heilige handeling die bedoeld is om een goddelijke of bovennatuurlijke macht gunstig te stemmen.
- sharia
- Islamitische wetgeving, gebaseerd op onder andere de Koran.
- staat
- Een afgebakend gebied met een gecentraliseerd bestuur en een overkoepelend rechtssysteem waarin de overheid als enige geweld mag gebruiken en verantwoordelijk is voor de ordehandhaving en de verdediging.
- stadsrecht
- Het recht van een plaats op eigen bestuur en eigen rechtspraak.
- stadstaat
- Een plaats (en het omliggende platteland) met een zelfstandig bestuur.
- stand
- Een groep van mensen met een vergelijkbare maatschappelijke functie, zoals priesters (de geestelijkheid), bestuurders en militairen (de adel) en boeren en burgers (de derde stand).
- stedelijke gemeenschap
- De groep mensen die samen de bevolking van een stad vormt.
- tribuut
- Een waardevol geschenk (of een reeks waardevolle geschenken) waarmee een volk de oppermacht van een buurstaat erkent.