Bestuiving, bevruchting en verspreiding
Publiek
Woorden in deze lijst (12)
Origineel
- Bestuiving
- Het overbrengen van stuifmeel van een meeldraad op de stempel van een stamper van een bloem van dezelfde plantensoort.
- Zelfbestuiving
- Bestuiving die plaatsvindt tussen bloemen van dezelfde plant.
- Kruisbestuiving
- Bestuiving die plaatsvindt tussen bloemen van verschillende planten van dezelfde soort.
- Insectenbloemen
- Bloemen waarbij het stuifmeel door insecten wordt overgebracht.
- Nectar
- Een zoet sap onder in de bloem waar insecten op afkomen.
- Windbloemen
- Bloemen die door de wind worden bestoven.
- Stuifmeelbuis
- Een buis die vanuit een stuifmeelkorrel door de stijl naar een zaadbeginsel groeit.
- Bevruchting
- Het versmelten van de kern van een stuifmeelkorrel met de eicelkern.
- Kiempje
- Een klein plantje in wording dat na de bevruchting ontstaat uit de bevruchte eicel.
- Zaad
- Een structuur die na bevruchting ontstaat uit een zaadbeginsel en een kiempje bevat.
- Vrucht
- Het uitgegroeide vruchtbeginsel waarin zich de zaden bevinden.
- Zaadverspreiding
- Het verspreiden van vruchten met zaden, vaak weg van de ouderplant.