2.1 Beginbalans
Publiek
Woorden in deze lijst (14)
Origineel
- Creditkant balans
- Aan de creditkant van een balans zie je hoe de onderneming het benodigde vermogen voor de financiering van de kapitaalgoederen heeft verkregen.
- Kapitaalgoederen
- De bezittingen van een onderneming: vaste activa en vlottende activa waaronder de liquide middelen.
- Eigen vermogen
- Vermogen dat de eigenaar zelf in de onderneming inbrengt.
- Vreemd vermogen
- Vermogen dat anderen aan de onderneming beschikbaar stellen.
- Balans
- Een balans geeft een overzicht van de bezittingen (kapitaalgoederen) en het eigen en vreemd vermogen van een onderneming op een bepaald moment.
- Vaste activa
- De kapitaalgoederen die meer dan één productieproces of langer dan een jaar meegaan.
- Vlottende activa
- Kapitaalgoederen die maar één productieproces of korter dan een jaar meegaan. Deze activa zijn gemakkelijk in geld om te zetten. Ook de liquide middelen horen hiertoe.
- Liquide middelen
- De middelen waarmee we kunnen betalen, zoals tegoeden bij de bank en het bedrag in kas. De liquide middelen zijn een onderdeel van de vlottende activa.
- Permanent vermogen
- Vermogen dat blijvend beschikbaar is voor de onderneming, er hoeft niet op te worden afgelost: eigen vermogen.
- Lang vreemd vermogen
- Vreemd vermogen op lange termijn heeft een looptijd van langer (vaak veel langer) dan een jaar.
- Kort vreemd vermogen
- Vreemd vermogen op korte termijn heeft een looptijd tot een jaar.
- Tijdelijk vermogen
- Vermogen dat moet worden afgelost: vreemd vermogen.
- Kredietplafond
- Het bedrag dat een onderneming maximaal rood mag staan.
- Debetkant balans
- Aan de debetkant van een balans zie je op welke manier het beschikbare vermogen in de onderneming is geïnvesteerd; welke kapitaalgoederen met het vermogen zijn gekocht.