1.3 De eerste steden
Publiek
Woorden in deze lijst (21)
Origineel
- Ambacht
- Beroep waarbij iemand producten maakt met zijn handen en gereedschap
- Belasting
- Wat onderdanen aan hun regering moeten betalen
- Beschaving
- Hoogontwikkelde cultuur
- Elite
- Toplaag in de samenleving, de meest machtige, rijke of geleerde mensen
- Gezag
- 1 overwicht, 2 persoon of instelling met macht
- Handel
- Kopen en verkopen van producten
- Hiërarchie
- Rangorde
- Landbouwstedelijke samenleving (agrarisch-stedelijke of agrarisch-urbane samenleving)
- Maatschappij met steden waarin een minderheid van de bevolking leeft van ambachten en handel, terwijl de meeste mensen op het platteland leven van landbouw
- Markt
- Plaats waar producten worden gekocht en verkocht
- Mythe
- Godenverhaal
- Onderdaan
- Persoon die moet gehoorzamen aan een regering
- Overheid
- Regering
- Polytheïstisch
- Met veel goden
- Priester
- Godsdienstig leider
- Specialisatie
- Als iemand zich richt op een bepaalde vaardigheid
- Staat
- 1 regering, 2 gebied met een regering
- Stad
- Van het platteland afgescheiden plaats met veel bewoners, waarvan de meesten niet leven van landbouw
- Stadstaat
- Staat die bestaat uit een stad met het omliggende gebied
- Tempel
- Gebouw waar een god wordt vereerd
- Volk
- Grote groep mensen
- Vorst
- Hoofd van een staat
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–