11.2 Organisatiestructuren
Publiek
Woorden in deze lijst (12)
Origineel
- Organigram
- Een schematische weergave van afdelingen en zeggenschap.
- Lijnorganisatie
- Een organisatie waarbij boven elke werknemer een manager staat en waarin de taken logisch zijn opgedeeld in afdelingen.
- Eenheid van bevel
- Iedereen heeft slechts één baas en het is dan ook duidelijk wie leiding geeft aan wie.
- Voordelen lijnorganisatie
- Duidelijk en eenvoudig wat betreft afbakening taken en bevoegdheden en snelle beslissingen zijn mogelijk.
- Nadelen lijnorganisatie
- Kans op bureaucratie en eilandvorming, gebrek aan specialisatie, te zware verantwoordelijkheid managers, weinig flexibel.
- Lijn-staforganisatie
- Een lijnorganisatie waaraan één of meer stafafdelingen zijn toegevoegd. De stafafdelingen beschikken over gespecialiseerde deskundigen.
- Taken staf
- Voorbereiden uitvoerend werk, voorlichting geven, adviseren, controleren, onderzoek en ontwikkeling
- Bevelsbevoegdheid
- Lijnfunctionarissen mogen opdrachten geven, staffunctionarissen meestal niet.
- Functionele bevoegdheid
- Een staffunctionaris kan opdrachten op zijn vakgebied verstrekken aan een lijnfunctionaris.
- Voordelen lijn-staforganisatie
- Eenheid van bevel, inschakeling vakspecialisten, betere samenwerking verschillende afdelingen, ontlasting lijn functionarissen
- Nadelen lijn-staforganisatie
- Staf te theoretisch, geen verantwoordelijkheid, breidt zichzelf snel uit, soms teveel bevoegdheden, onvoldoende contact met delijn
- Ententestructuur
- De ententestructuur is een horizontale structuur, gebaseerd op nevenschikking in plaats van onderschikking. Binnen het individuele gebied neemt de betreffende functionaris de besluiten. In het collectieve gebied gezamenlijk.