Hoofdstuk 7: Krachten
Publiek
Woorden in deze lijst (20)
Origineel
- aangrijpingspunt
- het punt op een voorwerp waarop de kracht werkt
- effect van een kracht
- daardoor haken je dat een kracht werkt: van een voorwerp verandert de snelheid,de bewegingsrichting of de vorm
- krachtenschaal
- geeft aan welke kracht hoort bij een krachtpijl van 1 cm
- krachtmeter
- een meetinstrument dat een kracht meet
- krachtpijl
- een pijl die een kracht weergeeft met aangrijpingspunt,richting en grootte
- magnetische kracht F_magn
- kracht die een magneet uitoefent op voorwerpen van ijzer
- recht evenredig
- een verband tussen twee grootheden waarbij geldt dat als de ene grootheid tweemaal zo groot wordt,de andere ook tweemaal zo groot wordt
- slappe veer
- een veer waar maar een kleine kracht nodig is voor een grote uitrekking
- spankracht F_span
- de kracht die een gespanen touw uitoefent
- spierkracht F_spier
- de kracht die spieren uitoefenen
- stugge veer
- een veer waar een grote kracht nodig is voor een kleine uitrekking
- symbool
- korte schrijfwijze voor een grootheid:het symbool voor kracht is de hoofdletter F
- uitrekking u
- het verschil tussen de beginlengte van de veer en de lengte van de uitgerekte veer
- veerkracht F_veer
- de kracht die een gespannen veer of elastiek uitoefent
- veerunster
- een meetinstrument dat een kracht meet,met behulp van een veer
- wrijvingskracht F_w
- de kracht die de omgeving uitoefent op een voorwerp dat beweegt of een voorwerp dat je in beweging wilt brengen
- zwaartekracht F_w
- de kracht die de aarde op voorwerpen uitoefent
- zwaartepunt
- het aangrijpingspunt van de zwaartekracht
- + evenwicht van krachten
- een situatie waarbij twee krachten die op een voorwerp werken even groot zijn en tegengesteld gericht
- + somkracht F_som
- optelsom van twee krachten die dezelfde kant op werken of het verschil van twee krachten die elkaar tegenwerken