thema 7 ecologie en milieu

Publiek
2
Woorden in deze lijst (69)
Origineel
- het produceren van voedsel
- voedselproductie
- middelen om een gewas te beschermen tegen ziekten of plagen
- bestrijdingsmiddelen
- ongevoelig, bijvoorbeeld tegen een bestrijdingsmiddel
- resistent
- gifstof wordt niet of zeer langzaam op een natuurlijke manier afgebroken
- persistent
- ophoping van gifstoffen in organismen; in elke stap van een voedselketen neemt de gifconcentratie toe
- accumulatie
- door micro-organismen afbreekbaar
- biologisch afbreekbaar
- anorganische stoffen zakken met het regenwater weg naar diepere lagen
- uitspoeling
- sterk toegenomen hoeveelheid anorganische stoffen in het water
- eutrofiëring
- het veranderen van de erfelijke eigenschappen van voedingsgewassen en landbouwhuisdieren
- veredeling
- verandering van de soortensamenstelling binnen een gebied waardoor het ene ecosysteem geleidelijk overgaat in een ander ecosysteem
- successie
- laatste fase van successie; stabiel ecosysteem
- climaxecosysteem
- successiereeks die begint op een kale grond
- primaire successie
- successiereeks die begint op een ondergrond die humus bevat
- secundaire successie
- de cyclus waarin koolstof in verschillende vormen steeds opnieuw wordt gebruikt
- koolstofkringloop
- brandstoffen die miljoenen jaren geleden zijn gevormd uit dode planten en dieren
- fossiele brandstoffen
- de cyclus waarin stikstof in verschillende vormen steeds opnieuw wordt gebruikt
- stikstofkringloop
- Heeft zuurstof nodig; bijvoorbeeld: nutrificerende bacteriën hebben zuurstof nodig bij de vorming van nitraationen uit ammoniumionen; het zijn aerobe bacteriën
- aeroob
- Gebruiken geen zuurstof; bijvoorbeeld: anaerobe bacteriën gebruiken andere moleculen dan zuurstof bij de afbraak van organische stoffen
- anaeroob
- Strijd tussen organismen om de beschikbare bronnen
- concurrentie
- Langdurig samenleven van organismen van verschillende soorten
- symbiose
- Vorm van symbiose waarbij beide soorten voordeel hebben
- mutualisme
- Vorm van symbiose waarbij slechts één van beide soorten voordeel heeft en de andere soort geen voordeel en geen nadeel heeft
- commensalisme
- Vorm van symbiose waarbij één soort voordeel heeft en de andere soort nadeel
- parasitisme
- Het schommelen van biotische factoren
- dynamiek
- organismen die door voortplanting ontstaan
- geboorte
- organismen die door overlijden verdwijnen
- sterfte
- verplaatsing van organismen naar een ander gebied
- migratie
- Situatie waarin de soortensamenstelling door regulatie min of meer constant blijft over een langere tijd en de populatiedichtheid van de soorten binnen bepaalde grenzen blijft schommelen
- biologisch evenwicht
- Organismen die als gevolg van menselijk handelen terechtkomen in een gebied waar ze van oorsprong niet thuishoren
- exoten
- landbouw die nadrukkelijk rekening houdt met het milieu
- biologische landbouw
- Er kan worden voorzien in de behoeften van de huidige generatie mensen zonder de behoeften van de toekomstige generaties in gevaar te brengen
- duurzame ontwikkeling
- Producten of delen daarvan worden opnieuw gebruikt
- hergebruik
- Het opnieuw gebruiken van grondstoffen en materialen voor een vergelijkbaar doel of voor een ander doel
- recyclen
- De maatschappij kan voor onbepaalde tijd productief blijven, zonder dat dit ten koste gaat van de omgeving
- duurzaamheid
- invloed van de mens op de hoeveelheid soorten
- gevolgen voor de biodiversiteit
- het beschermen van de natuur tegen de invloed van de mens
- natuurbeheer
- alle populaties in een bepaald gebied samen
- levensgemeenschap
- invloeden afkomstig van de levende natuur
- biotische factoren
- invloeden afkomstig van de levenloze omgeving
- abiotische factoren
- begrensd gebied waarin een wisselwerking plaatsvindt tussen biotische en abiotische factoren
- ecosysteem
- het leefgebied van een organisme
- habitat
- de verschillende soorten die in een gebied voorkomen
- soortensamenstelling
- vermogen van een organismen om schommelingen in een abiotische factor te verdragen
- tolerantie
- waarde van een abiotische factor die voor een organisme het gunstigst is
- optimum
- factor die bepaalt of en hoeveel organismen in een gebied kunnen overleven
- beperkende factor
- eten van planten door dieren
- vraat
- weergave van de voedselrelaties in een ecosysteem
- voedselketen
- relatie tussen organismen waarbij de een als voedselketen dient voor een ander
- voedselrelaties
- het overdragen van chemische energie in voedingsstoffen
- energiestroom
- weergave van het geheel van voedselrelaties in een levensgemeenschap
- voedselweb
- eten van dieren door andere dieren
- predatie
- schakel in een voedselketen
- trofisch niveau
- in staat om zlef organische stoffen te vormen uit anorganishce stoffen en energie
- autotroof
- autotrofe organismen
- producenten
- opbouw van organische moleculen uit kleinere (anorganische) moleculen
- assimilatie
- Het vormen van glucose uit koolstofdioxide en water met behulp van zonlicht
- fotosynthese
- Meestal afkomstig van organismen, grote moleculen die bestaan uit een of meer atomen koolstof (C), waterstof (H) en zuurstof (O)
- organische stoffen
- Kleine, eenvoudige moleculen, komen zowel voor in organismen als in de levenloze natuur
- anorganische stoffen
- Niet in staat zelf organische stoffen te maken, neemt organische stoffen op als voedsel
- heterotroof
- Heterotrofe organismen; nemen organische stoffen op als voedsel
- consumenten
- organismen die dode resten afbreken tot anorganische stoffen
- reducenten
- Afbraak van organische moleculen
- dissimilatie
- totaal gewicht van alle organische stoffen
- biomassa
- de warmte die de aarde uitstraalt, wordt vastgehouden door gassen in de atmosfeer
- broeikaseffect
- De atmosfeer houdt meer warmte vast door meer broeikasgassen, waardoor de temperatuur op aarde stijgt
- versterkt broeikaseffect
- het opwekken van energie
- energieproductie
- energiebronnen die niet opraken en bij gebruik ervan komt geen extra CO2 en methaan in de atmosfeer
- hernieuwbare energiebronnen
- minder energie gebruiken door bijvoorbeeld door de verwarming een graadje lager te zetten
- energiebesparing
- gemaakt uit organisch materiaal en zijn hernieuwbaar
- biobrandstoffen