Bodems
Publiek
Woorden in deze lijst (19)
Origineel
- Grondsoort
- Het losse materiaal aan de oppervlakte van de aardkorst.
- Zand
- Grondsoort met grove korrels met een doorsnede van 0,06 tot 2 mm.
- Poriën
- De ruimtes tussen de korrels van een grondsoort.
- Klei
- Grondsoort bestaande uit heel kleine, plaatvormige deeltjes die aan elkaar plakken en water goed vasthouden.
- Löss
- Grondsoort met een korrelgrootte die tussen die van zand en klei in zit.
- Veen
- Grondsoort bestaande uit plantenresten die onder water zijn terechtgekomen in een moeras en niet zijn vergaan.
- Turf
- Gedroogd veen dat te gebruiken is als brandstof of als vruchtbare tuingrond.
- Bodem
- De voor de plantengroei belangrijke bovenste laag van de aardkorst.
- Horizonten
- De verschillende lagen waaruit een bodem is opgebouwd.
- Humus
- Stoffen in de bodem die afkomstig zijn van plantenresten en veel voedingsstoffen bevatten.
- Bodemvorming
- Het ontstaan van horizonten in een bodem onder invloed van het klimaat.
- Bodemprofiel
- Een doorsnede van de bodem waarin de verschillende lagen of horizonten goed te zien zijn.
- Uitspoelingshorizont
- De bodemlaag waaruit humus en andere stoffen door neerwaarts bewegend water verdwijnen.
- Inspoelingshorizont
- De bodemlaag waar de uitgespoelde stoffen uit de bovenliggende laag terechtkomen.
- Moedermateriaal
- De onderste laag in een bodem waar de bodemvorming nog weinig of geen invloed heeft gehad.
- Latosol
- Onvruchtbare bodemsoort in de tropen met een dunne humuslaag en vaak een rode kleur.
- Zwarte aarde
- Vruchtbare bodem met een dikke, zwarte humuslaag die voorkomt in steppengebieden.
- Podzol
- Bodemsoort die ontstaat in naaldwouden door sterke uitspoeling onder invloed van een hoge zuurgraad.
- Oerbank
- Een keiharde laag in de bodem die ontstaat door het samenklitten van uitgespoelde voedingsstoffen en mineralen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–