De nieren
Publiek
Woorden in deze lijst (19)
Origineel
- Nieren
- Organen die overtollige en schadelijke stoffen uit het bloed verwijderen.
- Nierschors
- Het buitenste deel van een nier waar urine wordt gevormd.
- Niermerg
- Het deel van de nier tussen de nierschors en het nierbekken waar eveneens urine wordt gevormd.
- Nierbekken
- Het deel van de nier waar de gevormde urine wordt verzameld.
- Urine
- Vloeistof bestaande uit water, zouten en schadelijke stoffen zoals ureum die uit het bloed zijn verwijderd.
- Urineleiders
- Buisjes die de urine van het nierbekken naar de urineblaas afvoeren.
- Urineblaas
- Orgaan waarin de urine tijdelijk wordt opgeslagen.
- Urinebuis
- De buis waarlangs de urine uit de urineblaas uit het lichaam wordt afgevoerd.
- Niereenheid
- Functionele eenheid in de nier (ongeveer een miljoen per nier) bestaande uit een nierkapsel en een nierbuisje.
- Kapsel van Bowman
- Het nierkapsel aan het begin van een niereenheid dat als een zeef werkt bij de vorming van voorurine.
- Glomerulus
- Een kluwen van haarvaten binnen het kapsel van Bowman.
- Nierbuisje
- Onderdeel van een niereenheid bestaande uit gekronkelde delen en een lus waarin voorurine wordt omgezet in urine.
- Lis van Henle
- Het lusvormige deel van een nierbuisje dat belangrijk is voor het concentreren van de urine.
- Verzamelbuisjes
- Buisjes waarin de nierbuisjes uitmonden en die de urine naar de nierbekkens geleiden.
- Ultrafiltratie
- Het proces waarbij door hoge bloeddruk een deel van het bloedplasma vanuit de glomerulus in het nierkapsel wordt geperst.
- Voorurine
- Het vocht dat door ultrafiltratie in de nierkapsels ontstaat en onder andere glucose, aminozuren en ionen bevat.
- Terugresorptie
- Het proces waarbij water en nuttige stoffen selectief uit de voorurine worden opgenomen in het bloed.
- Antidiuretisch hormoon (ADH)
- Hormoon uit de hypofyse dat de doorlaatbaarheid voor water in de nierbuisjes en verzamelbuisjes reguleert.
- Waterhuishouding
- De regeling van de hoeveelheid water in het lichaam om de osmotische waarde van het inwendige milieu constant te houden.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–