NOVA NaSk - 4 VMBO-GT - Hoofdstuk 11.1 - Fossiele brandstoffen
Publiek
Woorden in deze lijst (12)
Origineel
- afvalwarmte
- Warmte die overblijft bij de opwekking van elektrische energie of een ander industrieel proces en wordt afgevoerd met het koelwater.
- energietransitie
- Omschakeling van vervuilende, niet-duurzame energiebronnen (zoals fossiele brandstoffen) naar schone en duurzame energiebronnen (zoals zon en wind).
- fossiele brandstoffen
- Brandstoffen die uit de bodem worden gewonnen, zoals aardgas, aardolie en steenkool.
- generator
- Apparaat dat elektrische energie produceert, als je zijn as aan het draaien brengt (een soort grote dynamo).
- kernenergie
- De energie in een kernbrandstof zoals uranium; je kunt kernenergie omzetten in warmte door de kernen van uraniumatomen te splitsen in een kernreactor.
- koolstofdioxide (CO₂)
- Broeikasgas dat altijd al in de atmosfeer voorkwam, maar waarvan de hoeveelheid de laatste eeuwen sterk is gegroeid door de verbranding van fossiele brandstoffen.
- natuurlijk broeikaseffect
- Opwarming van de atmosfeer door broeikasgassen die een natuurlijk bestanddeel van de atmosfeer vormen (zoals natuurlijk koolstofdioxide).
- smog
- Vorm van luchtverontreiniging die slijmvliezen, ogen en luchtwegen irriteert en beschadigt; dichte smog ziet eruit als een geelbruine nevel.
- stoomturbine
- Wiel met schoepen dat snel gaat ronddraaien als er hete stoom tegenaan spuit.
- thermische verontreiniging
- Vervuiling met warmte, doordat heet koelwater van bijvoorbeeld een energiecentrale rechtstreeks op een rivier wordt geloosd.
- versterkt broeikaseffect
- Extra opwarming van de atmosfeer door broeikasgassen die zijn ontstaan door menselijk handelen, zoals het verbranden van fossiele brandstoffen.
- zure regen
- Verzuring van regenwater en daardoor ook van de bodem en het oppervlaktewater door stoffen die vrijkomen bij de verbranding van fossiele brandstoffen.