Unit 4 TAKING PART
Publiek
Woorden in deze lijst (71)
Origineel
- changing room
- kleedkamer
- coach
- coach
- court
- baan
- kick
- trap /
schop - locker
- kast /
locker - match
- wedstrijd
- practice
- training
- prize
- prijs
- race
- race
- score
- score
- track
- baan
- beat
- verslaan
- catch
- vangen
- collect
- ophalen
- compete
- deelnemen
- hit
- slaan
- kick
- trappen /
schoppen - lose
- verliezen
- practise
- trainen /
oefenen - race
- racen /
lopen - score
- scoren
- train
- trainen
- win
- winnen
- goggles
- bril
- helmet
- valhelm
- net
- net
- racket
- racket
- trainers
- sportschoenen
- wetsuit
- wetsuit
- competitor
- deelnemer
- goal
- doelpunt
- player
- speler
- point
- punt
- record
- record
- result
- uitslag
- equipment
- uitrusting
- event
- evenement
- keep going
- doorgaan
- knock down
- neerslaan
- net
- net
- run
- rennen /
hardlopen - take part
- meedoen
- take place
- plaatsvinden
- take something seriously
- iets serieus nemen
- backhand
- backhand
- capoeira
- capoeira
- field
- veld
- float
- drijven
- forehand
- forehand
- gymnastics
- turnen
- individual (game)
- individueel (spel)
- inflatable
- opblaasbaar
- informal
- informeel
- juggle
- jongleren
- opponent
- tegenpartij
- professional
- professional /
beroeps - shot
- schot
- teammate
- teamgenoot
- trampoline
- trampoline
- underwater
- onderwater
- wrestling
- worstelen
- tough
- zwaar
- keen on
- enthousiast over
- have a go
- proberen
- theme
- thema
- pick
- kiezen
- tournament
- toernooi
- wing
- flank
- preparation
- voorbereiding
- rest moment
- rustmoment
- competitive
- competitief