In balans - Samenwerken op markten en bedrijven
Publiek
Woorden in deze lijst (22)
Origineel
- Afzet
- het totaal aantal producten dat een bedrijf verkoopt.
- Break-evenafzet
- de maximale afzet waarbij de winst gelijk is aan nul.
- Collectieveaanbodcurve
- curve die de (horizontale) optelsom van alle individuele aanbodcurven aangeeft.
- Collectievevraagcurve
- curve die de (horizontale) optelsom van alle individuele vraagcurven aangeeft.
- Constantekosten
- kosten die niet afhangen van de productie.
- Consumentensurplus
- het surplus van consumenten die producten vragen op de productmarkt.
- Homogeengoed
- goederen die voor consumenten inwisselbaar zijn.
- Inferieure producten
- producten waar minder vraag naar is naarmate het inkomen van de vragers stijgt.
- Inkomenselasticiteit van de vraag
- de verhouding tussen de procentuele verandering van de vraag aan de ene kant en de procentuele verandering van het inkomen aan de andere kant.
- Kruislingse prijselasticiteit
- de verhouding tussen de procentuele verandering van een bepaalde hoeveelheid van een product aan de ene kant en een procentuele verandering van de prijs van een ander product aan de andere kant.
- Luxe producten
- producten waarvan de inkomenselasticiteit van de vraag boven de 1 ligt.
- Marktsurplus
- het totale surplus van ruil op de markt. Dit surplus is de som van het surplus van vragers en aanbieders.
- Noodzakelijke producten
- producten waarvan de inkomenselasticiteit van de vraag onder de 1 ligt.
- Normale producten
- producten waar meer vraag naar is naarmate het inkomen van vragers stijgt.
- Omzet
- de totale opbrengst die de aanbieders ontvangen voor het leveren van producten.
- Prijselasticiteit
- de verhouding tussen de procentuele verandering van de hoeveelheid van een product aan de ene kant en een procentuele verandering van de prijs van dat product aan de andere kant.
- Producentensurplus
- het surplus van producenten die producten leveren op de productmarkt.
- Variabelekosten
- kosten die afhangen van de productie.
- Volkomen concurrentie
- aanbieders en vragers op de markt zijn volledig inwisselbaar voor veel andere aanbieders en vragers en hebben daarom geen invloed op de marktprijs.
- Werkgeverssurplus
- het surplus van werkgevers die arbeid vragen op de arbeidsmarkt.
- Werknemerssurplus
- het surplus van werknemers die arbeid aanbieden op de arbeidsmarkt.
- Winst
- het bedrijfsresultaat op lange termijn als het verschil tussen het totale surplus en de totale constante kosten.