AK tw2

Publiek
19keer geoefend
Woorden in deze lijst (44)
Origineel
- absolute afstand
- de afstand gemeten in een rechte lijn
- relatieve afstand
- de afstand gemeten in tijd, geld en moeite om ergens te komen
- loofbos
- woud met bomen, die in de herst/
winter hun bladeren verliezen. Deze vegetatiesoort komt voor in het gematigd zeeklimaat. - steppe
- vegetatiesoort, die bestaat uit dorre grasvlaktes met struiken. Komt voor in het steppeklimaat.
- klimaat
- het gemiddelde weer gemeten over een langere periode van minimaal 30 jaar
- vegetatie
- de begroeiing van een gebied. Dit type begroeiing wordt bepaald door het klimaat van dat gebied.
- platentektoniek
- het bewegen van stukken aardkorst op het (plastische) magma inde aardmantel; het proces waarbij platen ontstaan, bewegen en verdwijnen.
- oceanische plaat
- tektonische plaat, die voor het grootste deel bedekt wordt door oceanen. Deze plaat bestaat uit oceanische korst, die dunner is dan continentale korst en voornamelijk bestaat uit zwaarder gesteente dan van de continentale korst.
- Flashflood
- plotselinge, intense overstroming die binnen korte tijd ontstaat na hevige regenval
- stuwdam
- een dam met een afgesloten rivierdal dat water vasthoudt en een kunstmatig meer vormt
- zomertarwe
- tarwe dat in het voorjaar wordt gezaaid en in de zomer groeit. Na de zomermaanden wordt het geoogst.
- wintertarwe
- tarwe dat in het najaar wordt gezaaid en in de winter groeit. De winters in deze gebieden zijn vaak mild.
- Arbeidsextensief
- veelvuldig gebruik van machines, waar slechts enkele werknemers voor nodig zijn om deze te bedienen
- Arbeidsintensief
- relatief weinig gebruik van machines, waardoor er veel werknemers nodig zijn om de arbeid te verrichten
- kapitaalintensief
- er is grootschalig gebruik van omvangrijke machines en die zijn duur om aan te schaffen
- kapitaalextensief
- er is relatief weinig geïnvesteerd in machines, waardoor er veel werknemers nodig zijn om de arbeid te verrichten
- verval
- het hoogteverschil tussen de bron en monding van een rivier
- verhang
- het relatieve hoogteverschil van een rivier, ofwel het verval gedeeld door de afstand van de rivier van bron tot monding
- recreatiedruk
- de negatieve effecten van recreatie en toerisme op de natuur, het milieu en de bevolking in een gebied
- erosie
- het wegschuren van materiaal als gesteente of zand, door invloeden van water, wind en ijs
- urbanisatie
- de situatie waarbij steden snel groeien, doordat steeds meer mensen naar deze steden migreren
- Hispanics
- migranten in de VS met een spaanstalige achtergrond, vooral uit Mexico
- Afro-Americans
- bevolkingsgroepen in de VS die afstammen van de tot slaaf gemaakte Afrikanen uit het koloniale tijdperk
- suburbanisatie
- verhuizen van het centrum van een stad naar de rand van de stad
- globalisering
- een wereldwijd proces waarbij landen steeds meer met elkaar gaan samenwerken op economisch, politiek en cultureel gebied. Hierdoor ontstaat een meer samenhangende wereld.
- continentale plaat
- grote tektonische plaat waarop de continenten liggen. Deze platen zijn dikker, lichter en bestaan voornamelijk uit continentale korst.
- subductie
- het geologische proces waarbij een zwaardere aardplaat onder een lichtere plaat schuift, wat leidt tot aardbevingen en vulkanisme
- spleetvulkaan
- een lineaire vulkanische opening, een soort lange scheur in de aardkorst, waaruit dunne, vloeibare lava (magma) kan stromen zonder grote explosies
- kegel(strato) vulkaan
- een hoge, kegelvormige vulkaan die is opgebouwd uit afwisselende lagen gestolde lava, as en ander vulkanisch puin
- calderavulkaan
- een vulkaan die een grote, komvormige krater (de caldera) heeft, ontstaan doordat de top na een zeer krachtige uitbarsting instort in de leeggelopen magmakamer eronder
- schildvulkaan
- een brede, laag-hellende vulkaan die ontstaat door uitbarstingen van dunne, vloeibare lava die zich over grote gebieden kan verspreiden
- irrigatie
- het kunstmatig toevoegen van water aan landbouwgrond om gewassen te helpen groeien, vooral in droge gebieden met weinig neerslag, en zo de voedselproductie te verhogen en te stabiliseren
- regenrivier
- een rivier die zijn water voornamelijk ontvangt uit regen- en grondwater
- gletsjerrivier
- een rivier die volledig wordt gevoed door smeltwater uit een gletsjer
- gemengde rivier
- een rivier die water krijgt uit zowel smeltwater (van gletsjers/
sneeuw) als regenwater - regiem
- de jaarlijkse schommelingen in de hoeveelheid water (het debiet) die een rivier afvoert
- debiet
- Het debiet van een rivier is de hoeveelheid water die een rivier per tijdseenheid afvoert
- piekafvoer
- de maximale afvoer of het hoogste debiet van water in een rivier of afwateringssysteem, na een periode van veel regen /
smeltwater - transforme breuk
- een type aardkorstbreuk waarbij twee tektonische platen horizontaal langs elkaar heen schuiven
- permafrost
- grond (aarde, zand, grind) die minstens twee jaar achter elkaar volledig bevroren is
- meandere rivier
- een rivier die zich kronkelend door het landschap slingert in lusvormige bochten door erosie en sedimentatie
- vlechtende rivier
- een riviersysteem met meerdere, parallelle stroomgeulen die door elkaar heen vlechten, gescheiden door zand- en grindbanken (braid bars), waardoor het rivierbeddingspatroon voortdurend verandert
- rechte rivier
- een rivier die vrijwel recht loopt
- sediment
- los materiaal dat door water, wind, ijs of zwaartekracht wordt getransporteerd en op een nieuwe plek wordt afgezet