7. Rusland en zijn buren
Publiek
Woorden in deze lijst (70)
Origineel
- arbeid
- Betaald werk dat mensen doen door goederen te maken of diensten te verlenen.
- autonomie
- Vrijheid van een land of gebied om eigen wetten en regels te bepalen. Heet ook zelfbestuur.
- bevolkingsexplosie
- Sterke groei van de bevolking in een land doordat de sterftecijfers snel dalen, maar de geboortecijfers hoog blijven. Vindt plaats in fase 2 van de demografische transitie.
- bodem
- De voor de plantengroei belangrijkste bovenste laag van de aardkorst (tot ongeveer 1 m).
- bodemprofiel
- Verticale doorsnede van de bodem die de opeenvolging van verschillende lagen (horizonten) laat zien.
- bodemvervuiling
- Verontreiniging van de bodem, bijvoorbeeld door het menselijk gebruik van chemisch afval.
- bodemvorming
- Het ontstaan van horizonten in een bodem.
- BRICS-landen
- Verzamelnaam voor de vijf opkomende landen Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika.
- bruto nationaal product (bnp)
- Het geld dat alle inwoners in een land per jaar samen verdienen.
- chernozem
- Vruchtbare bodem met een dikke, zwarte bovenlaag die bestaat uit humus met een hoog kalkgehalte. Heet ook zwarte aarde.
- communisme
- Politieke vorm waarbij de staat alle bedrijven bezit en bepaalt welke producten worden gemaakt.
- demografische transitiemodel
- Model dat de overgang laat zien van een samenleving met hoge geboorte- en sterftecijfers naar lage geboorte- en sterftecijfers.
- demografische krimp
- Krimp of afname van de bevolking. Heet ook bevolkingskrimp.
- geboortecijfer
- Het gemiddelde aantal levendgeborenen per duizend inwoners per jaar.
- geboorteoverschot
- Als er in een jaar meer mensen worden geboren dan dat er mensen sterven.
- gematigde zone
- Het gebied tussen de breedtecirkels van 23½ en 66½° N.B. en 23½ en 66½° Z.B. Gematigd wil zeggen: niet te warm en niet te koud.
- geopolitiek
- Het uitoefenen van macht door een land vanwege zijn voorraad natuurlijke hulpbronnen of ligging.
- hooggebergte
- Gebied met bergen die hoger zijn dan 1500 m.
- horizont
- Laag in een bodem.
- humus
- Afbraakmateriaal van dode planten en dieren in een bodem.
- industrialisatie
- Overgang van een economie gericht op landbouw naar een economie gericht op productie in fabrieken.
- inspoelingshorizont
- Laag in een bodem waarin materiaal uit bovenliggende lagen is terechtgekomen.
- isotherm
- Lijn die plaatsen met eenzelfde temperatuur met elkaar verbindt.
- kapitaal
- Alle gebouwen, machines, hulpmiddelen en voertuigen die nodig zijn voor de productie.
- landbouwdriehoek
- Vruchtbaar landbouwgebied in Rusland dat wordt begrensd door de steden Odessa (Odessa), Irkoetsk (Irkoetsk) en Sint-Petersburg.
- landklimaat
- Klimaat met in de koudste maand een gemiddelde dagtemperatuur die lager is dan −3 °C en in de warmste maand hoger dan +10 °C.
- levensverwachting
- Het gemiddelde aantal te verwachten levensjaren op een bepaalde leeftijd.
- löss
- Afzetting van fijne deeltjes door de wind in de laatste ijstijd.
- luchtdruk
- Temperatuurzone op aarde: tropen, gematigde zone en poolstreken.
- luchtvervuiling
- Verontreiniging van de lucht door de uitstoot van uitlaatgassen.
- migratie
- Verhuizen van de ene woonplaats naar een andere.
- migratiesaldo
- De som van vestiging en vertrek.
- milieuaantasting
- Ingrepen in de natuur en in het landschap waardoor de kwaliteit ervan achteruit gaat.
- milieuramp
- Door mensen veroorzaakte ramp met veel schade in de natuurlijke omgeving.
- milieu-uitputting
- Het opraken van natuurlijke hulpbronnen door menselijk gebruik.
- milieuvervuiling
- Het vervuilen van de omgeving door afvalbakken en schadelijke stoffen erin te gooien. Heet ook milieuverontreiniging.
- moedermateriaal
- Het vaste gesteente waaruit een bodem is ontstaan.
- natie
- Een volk dat in één staat woont.
- natiestaat
- Een staat waar één volk woont.
- natuur
- Onderdelen van de natuurlijke omgeving die nodig zijn voor de productie, zoals grond, delfstoffen, grondstoffen en water.
- natuurlijke bevolkingsgroei
- Bevolkingsgroei of bevolkingsafname door het aantal geboorten min het aantal sterfgevallen.
- natuurlijke hulpbron
- Product uit de natuur dat mensen goed kunnen gebruiken.
- natuurramp
- Ramp veroorzaakt door de natuur met veel slachtoffers en grote schade.
- oerbank
- Keiharde laag in een podzol waar de uitgespoelde voedingsstoffen en mineralen samenklitten.
- ontgroening
- Afname van het aandeel jongeren (onder de 20 jaar) in de totale bevolking.
- opkomend land/
groeiland - Land dat nog niet echt ontwikkeld is, maar dat wel een snelle economische groei doormaakt.
- permafrost
- Permanent bevroren ondergrond.
- planeconomie
- Economisch systeem waarin de productie door de staat wordt bepaald, waarbij voor elk bedrijf een productieplan wordt gemaakt; communistisch productiesysteem.
- podzol
- Bodem die wordt gekenmerkt door het wegspoelen van vooral ijzer, aluminium en humus naar dieper gelegen lagen.
- poolstreek
- Het gebied ten noorden van 66½° N.B. en ten zuiden van 66½° Z.B. Heet ook polaire zone.
- productiemiddel
- Wat nodig is om iets te maken: arbeid, kapitaal en/
of natuur. - russificatie
- Het verspreiden van de invloed van de Russische cultuur in gebieden met een andere cultuur.
- sociale bevolkingsgroei
- Verandering van het bevolkingsaantal doordat mensen uit een gebied vertrekken of doordat ze zich er vestigen.
- staat
- Een gebied met duidelijke grenzen en een bestuur dat eigen baas is (soeverein).
- steppe
- Droog gebied waar net genoeg regen valt voor de groei van grassen en lage struikjes.
- sterftecijfer
- Het gemiddelde aantal overleden personen per duizend inwoners per jaar.
- sterfteoverschot
- Er gaan meer mensen dood dan dat er kinderen worden geboren.
- taiga
- Zone in de gematigde luchtstreek waar naaldbomen groeien. In de winter is het er gemiddeld kouder dan −3 °C. Heet ook naaldbomengordel.
- toendra
- Boomloos gebied in de poolstreken met begroeiing van grassen, mossen en lage struikjes.
- toendraklimaat
- Koud klimaat met ’s zomers een gemiddelde dagtemperatuur die lager is dan 10 °C.
- tropen/
tropische zone - Warme luchtstreek bij de evenaar tussen 23½° N.B. en 23½° Z.B.
- uitscheiding
- Het naar beneden zakken van overtollig water in een bodem, waarbij voedingsstoffen worden meegenomen.
- uitscheidinghorizont
- Laag in een bodem waaruit de voedingsstoffen zijn weggespoeld.
- vertrekoverschot
- Wanneer er meer mensen vertrekken uit een gebied dan dat er zich vestigen.
- verwoestijning
- Uitbreiding van een woestijn.
- vestigingsoverschot
- Wanneer er meer mensen zich vestigen in een gebied dan dat er mensen vertrekken.
- volk
- Een groep mensen die al eeuwenlang samenwoont en dezelfde cultuur heeft.
- vrijemarkteconomie
- Economisch systeem waarin bedrijven eigendom zijn van personen en de ondernemers zelf bepalen wat ze maken of welke diensten ze aanbieden; kapitalistisch productiesysteem.
- watervervuiling
- Verontreiniging van oppervlaktewater, bijvoorbeeld door het lozen van afvalwater.
- woestijn
- Een erg droog gebied waar bijna niets groeit.