1 VWO/GYMNASIUM (MAX 2019) - Hoofdstuk 1 Steden
Publiek
Woorden in deze lijst (35)
Origineel
- agglomeratie
- Steden en dorpen die aan elkaar gegroeid zijn tot één stedelijk gebied.
- arbeiderswijk
- Woonwijk bij het stadscentrum waar vroeger de mensen woonden die van het platteland kwamen om in de fabrieken te werken.
- bevolkingsdichtheid
- Gemiddeld aantal inwoners per km².
- binnenstad
- Het oudste deel van de stad dat gebouwd is voor 1870.
- breedtecirkel/
parallel - Horizontale lijn van het graadnet.
- coördinaat
- Een getal dat de precieze ligging van een plaats aangeeft.
- eengezinswoning
- Een woningsoort die bedoeld is voor iemand met een partner en kinderen.
- evenaar
- Horizontale cirkel over het midden van de aarde die de aarde verdeelt in een noordelijk halfrond en een zuidelijk halfrond.
- forens
- Iemand die dagelijks heen en weer reist tussen woongemeente en werkgemeente.
- gated community
- Afgeschermde woonwijk.
- geplande stad
- Een nieuwe stad die eerst uitgedacht en getekend is voordat er gebouwd werd.
- graadnet
- Netwerk van verticale lijnen (lengtecirkels) en horizontale lijnen (breedtecirkels) waarmee je heel precies een positie op aarde kunt bepalen.
- halfrond
- Helft van de aardbol.
- hoogbouw
- Flats.
- lengtecirkel/
meridiaan - Verticale lijn van het graadnet.
- medina
- Het oude, ommuurde stadscentrum van een Arabische stad.
- meridiaan/
lengtecirkel - Verticale lijn van het graadnet.
- nieuwbouwwijk
- Wijk aan de rand van de stad met vooral eengezinswoningen die gebouwd zijn na 1985.
- Noordpool
- Gebied aan de noordkant van de aarde.
- nulmeridiaan
- De lengtecirkel die door Greenwich (bij Londen) loopt.
- overgangsgebied
- Gebied rond een stad waar de invloed van de stad groot is.
- parallel/
breedtecirkel - Horizontale lijn van het graadnet.
- platteland
- Landelijk gebied buiten de stad.
- re-urbanisatie
- De terugkeer vanuit de dorpen naar de stad.
- sloppenwijk
- Wijk voor de allerarmsten aan de rand van grote steden in arme landen.
- stad
- Een plaats met ten minste 50.000 inwoners, een hoge bevolkingsdichtheid en veel voorzieningen.
- stadscentrum
- Het hart van de stad waar winkels, kantoren en uitgaansmogelijkheden zijn.
- stadsgewest
- Een grote stad met sterke relaties met omliggende plaatsen.
- stedelijk netwerk
- Aantal stadsgewesten met veel onderlinge contacten.
- stedelijke functies
- De taken van een stad voor zijn inwoners en een groot gebied in de omgeving, zoals wonen, werken, recreëren, onderwijs en gezondheidszorg.
- suburbanisatie
- Trek van de stad naar het platteland.
- urbanisatie
- Trek van het platteland naar de stad.
- verpaupering
- Achteruitgang van een stadswijk.
- verstedelijking
- Trek naar de stad.
- Zuidpool
- Gebied aan de zuidkant van de aarde.