Poëzie
Publiek
Woorden in deze lijst (12)
Origineel
- Evocatief
- Een eigenschap van taal die bij de meeste mensen een bepaald gevoel of een betekenis oproept.
- Alliteratie
- De herhaling van een beginmedeklinker waardoor woorden nadruk krijgen en er een onderling verband ontstaat.
- Poëtisch taalgebruik
- Taalgebruik waarbij de inhoud extra lading krijgt en de vorm meer nadruk, waardoor er méér gezegd kan worden dan wat woorden letterlijk betekenen.
- Mimetische functie
- Een functie van poëzie waarbij de werkelijkheid wordt nagebootst.
- Pragmatische functie
- Een functie van poëzie waarbij de lezer iets van de tekst kan leren.
- Expressieve functie
- Een functie van poëzie waarbij de uiting van gedachten en gevoelens van de dichter centraal staan.
- Autonome functie
- Een functie van poëzie waarbij het gedicht volledig op zichzelf staat.
- Poëtica
- De persoonlijke opvattingen van een dichter of lezer over wat belangrijk is in poëzie en hoe die eruit zou moeten zien.
- Context
- De achtergrondinformatie of omstandigheden waarin een gedicht is ontstaan of wordt geplaatst, die bijdragen aan de betekenis.
- Presentatie
- De bewuste keuze voor de plek of de gelegenheid waarbij een gedicht getoond wordt om betekenis toe te voegen.
- Perspectief
- De gekozen invalshoek of gezichtspunt van waaruit een dichter de lezer meeneemt in een emotie of gedachte.
- Lyrisch ik
- De ik-figuur in een gedicht die gevoelens, ervaringen, ideeën en impressies verwoordt.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–