Woordenlijst: 1.3. Inkomen
Publiek
Woorden in deze lijst (16)
Origineel
- Primair inkomen
- Primair inkomen is inkomen waarvoor een tegenprestatie wordt geleverd (loon, rente, huur, pacht en winst).
- Inkomen uit arbeid
- Als je werkt (arbeid levert), krijg je loon.
- Inkomen uit vermogen
- Je kunt ook een inkomen verdienen zonder te werken: mensen met spaargeld ontvangen rente van de bank, beleggers die huizen of ander vastgoed bezitten, ontvangen huur (bij grond noemen we dit pacht), eigenaren van een bedrijf hebben recht op de winst (aandeelhouders krijgen een deel van de winst, dividend).
- Overdrachtsinkomen (inkomensoverdrachten)
- Overdrachtsinkomen (inkomensoverdrachten) is inkomen waarbij de ontvanger geen tegenprestatie hoeft te leveren.
- Toeslag
- Een toeslag is een bijdrage van de overheid in de kosten van huur, zorg en kinderopvang.
- Secundair inkomen
- Secundair inkomen is gelijk aan het primaire inkomen verminderd met premies en belastingen op inkomen en vermogen en vermeerderd met sociale uitkeringen en toeslagen.
- Inflatie
- Inflatie is een algemene stijging van de prijzen van goederen en diensten.
- Geldontwaarding
- Geldontwaarding is de afname van de koopkracht van geld door een stijging van de prijzen van goederen en diensten.
- Hyperinflatie
- Hyperinflatie is een extreme (dagelijkse) stijging van de prijzen van goederen en diensten.
- Deflatie
- Deflatie is een algemene daling van de prijzen van goederen en diensten.
- Consumentenprijsindex (CPI)
- De consumentenprijsindex (CPI) is een samengesteld gewogen prijsindexcijfer dat het prijsverloop weergeeft van een pakket goederen en diensten zoals dit gemiddeld wordt aangeschaft door alle huishoudens in Nederland.
- Samengesteld
- De partiële of enkelvoudige indexcijfers van de verschillende productgroepen worden samengevoegd tot één indexcijfer.
- Gewogen
- het CBS bepaalt voor ieder product een wegingsfactor. De wegingsfactor van een product geeft aan welk deel van het inkomen aan het product wordt besteed. Hoe groter het aandeel, hoe zwaarder de productgroep meetelt in de berekening van het CPI.
- Reëel inkomen (koopkracht)
- De koopkracht is de hoeveelheid goederen en diensten die je met je inkomen kunt kopen.
- Nominaal inkomen
- Nominaal inkomen is het inkomen gemeten in euro's.
- Prijscompensatie
- Er is sprake van prijscompensatie als het nominale loon meestijgt met de inflatie.