Wörterliste B Deutsch - Niederländisch
Publiek
Woorden in deze lijst (24)
Origineel
- der Fisch
- de vis
- der Kuchen
- de taart/
de cake - der Löffel
- de lepel
- der Pfeffer
- de peper
- der Teller
- het bord
- der Zucker
- de suiker
- die Gabel
- de vork
- die Kartoffel/
die Kartoffeln - de aardappel/
de aardappelen - die Wurst
- de worst
- das Fleisch
- het vlees
- das Gemüse
- de groente
- das Messer
- het mes
- das Obst
- het fruit
- das Salz
- het zout
- backen
- bakken
- bitte
- alsjeblieft
- danke
- bedankt
- den Tisch decken
- de tafel dekken
- etwas
- iets
- gleichfalls
- insgelijks
- Guten Appetit!
- Eet smakelijk!
- kaufen
- kopen
- kochen
- koken
- noch
- nog