Werken met een spreadsheet
Publiek
Woorden in deze lijst (18)
Origineel
- Spreadsheet
- Een digitaal rekenblad dat bestaat uit cellen in rijen en kolommen.
- Dynamisch
- De eigenschap van een spreadsheet waarbij de uitkomsten van formules direct opnieuw worden berekend als de waarde in een cel verandert.
- Diagram
- Een grafische samenvatting van gegevens uit een tabel die bedoeld is om snel inzicht te geven.
- Centrummaat
- Een maatstaf die wordt gebruikt om aan te geven waar het centrum van de gegevens zich bevindt.
- Gemiddelde
- De som van de waarnemingsgetallen gedeeld door het aantal waarnemingsgetallen.
- Mediaan
- Het middelste getal van een reeks waarnemingsgetallen die op volgorde van grootte staan, of het gemiddelde van de middelste twee bij een even aantal.
- Modus
- Het waarnemingsgetal met de grootste frequentie.
- Indeling in klassen
- Het groeperen van een grote hoeveelheid verschillende waarnemingsgetallen in intervallen.
- Klassenmidden
- Het getal dat precies in het midden van een klasse ligt.
- Modale klasse
- De klasse met de hoogste frequentie bij een klassenindeling.
- Boxplot
- Een diagram dat de spreiding van gegevens bij een kwantitatieve variabele in beeld brengt.
- Eerste kwartiel
- De mediaan van de eerste helft van een serie waarnemingsgetallen, genoteerd als Q1.
- Derde kwartiel
- De mediaan van de tweede helft van een serie waarnemingsgetallen, genoteerd als Q3.
- Box
- Het middelste gedeelte van een boxplot tussen het eerste en derde kwartiel.
- Spreidingsbreedte
- De maat die het verschil aangeeft tussen het grootste getal en het kleinste getal.
- Interkwartielafstand
- Het verschil tussen het derde kwartiel en het eerste kwartiel.
- Standaardafwijking
- Een spreidingsmaat die een beeld geeft van hoe ver metingen gemiddeld afwijken van het gemiddelde.
- Uitschieters
- Waarden die ver van de box van de boxplot liggen, ook wel uitbijters genoemd.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–