Module 7: 4/5/6 vwo - hoofdstuk 1
Publiek
Woorden in deze lijst (24)
Origineel
- Arbeidsinkomen
- looninkomen plus de winst van zelfstandigen in een eenmanszaak
- Arbeidsinkomensquote (AIQ)
- arbeidsinkomen als percentage van het nbi
- Bestedingsmethode
- methode om het bbp te berekenen via de bestedingen
- Bruto binnenlands inkomen (bbi)
- netto binnenlands inkomen plus afschrijvingen
- Bruto binnenlands product (bbp)
- opbrengstwaarde van alle geproduceerde goederen en diensten minus de waarde van de daarvoor gebruikte grondstoffen en ingekochte diensten
- Bruto toegevoegde waarde
- totale opbrengst minus de kosten van ingekochte goederen en diensten
- Categoriale inkomensverdeling
- verdeling van het nbi over de primaire inkomenscategorieën
- Geaggregeerde waarden
- optelsom van onderliggende individuele waarden
- Interest
- rendement op kapitaal
- Loonquote
- looninkomen als percentage van het nbi
- Macro-economie
- deel van de economische wetenschap dat de werking van een economie als geheel bestudeert
- Macro-economische kengetallen
- geaggregeerde waarden die een economie als geheel beschrijven
- Micro-economie
- deel van de economische wetenschap dat de werking van individuele markten bestudeert
- Nationaal inkomen
- netto binnenlands inkomen
- Netto binnenlands inkomen (nbi)
- optelsom van alle primaire inkomens
- Netto binnenlands product (nbp)
- optelsom van alle netto toegevoegde waarden
- Netto toegevoegde waarde
- bruto toegevoegde waarde minus afschrijvingen
- Objectieve methode
- methode om het bbp te berekenen via de toegevoegde waarde
- Pacht
- opbrengsten uit het gebruik van natuur
- Primair inkomen
- inkomen verdiend met het beschikbaar stellen van productiefactoren
- Quote van het overig inkomen
- zie restquote
- Restquote
- inkomen anders dan het arbeidsinkomen als percentage van het nbi
- Subjectieve methode
- methode om het bbp te berekenen via de beloning van productiefactoren
- Winstquote
- uitgekeerde winst als percentage van het nbi