MAX 1&2 DEEL B - 1/2 VWO/GYMNASIUM - Kapital 5 - Lektion 6 - Redemittel
Publiek
Woorden in deze lijst (18)
Origineel
- Mijn broer/
Mijn zus en ik delen een kamer. - Mein Bruder/
Meine Schwester und ich teilen ein Zimmer. - Mijn kamer is op de eerste/
tweede verdieping/ op zolder. - Mein Zimmer ist im ersten/
zweiten Stock/ im Dachgeschoss/ auf dem Dachboden. - De gordijnen/
muren zijn geel/ roze. - Die Gardinen/
Wände sind gelb/ rosa. - Ons huis/
appartement heeft twee/ drie verdiepingen. - Unser Haus/
Unsere Wohnung hat zwei/ drei Etagen. - In mijn slaapkamer heb ik een bed/
een kledingkast/ een nachtkastje/ een spiegel/ een prullenmand. - In meinem Schlafzimmer habe ich ein Bett/
einen Kleiderschrank/ einen Nachttisch/ einen Spiegel/ einen Papierkorb. - De meubels zijn wit/
zwart. - Die Möbel sind weiß/
schwarz. - De werkkamer is vijftien vierkante meter groot.
- Das Arbeitszimmer ist fünfzehn Quadratmeter groß.
- De badkamer/
De keuken is licht/ donker. - Das Badezimmer/
Die Küche ist hell/ dunkel. - Ik wil later graag een grote tuin met een zwembad.
- Ich möchte später gern einen großen Garten mit Pool haben.
- De eetkamer is mijn lievelingskamer in huis.
- Das Esszimmer ist mein Lieblingszimmer im Haus.
- De muren zijn wit/
donkergeel/ lichtblauw. - Die Wände sind weiß/
dunkelgelb/ hellblau. - Het tapijt is groot, maar oud.
- Der Teppich ist groß, aber alt.
- Onze woonkamer is groot/
klein/ gezellig. - Unser Wohnzimmer ist groß/
klein/ gemütlich. - Ik heb mijn kamer nieuw ingericht.
- Ich habe mein Zimmer neu eingerichtet.
- Ik heb een bureau en een bank.
- Ich habe einen Schreibtisch und ein Sofa/
eine Couch. - Ik vind de lampen en de kussens in onze woonkamer mooi.
- Ich finde die Lampen und die Kissen in unserem Wohnzimmer schön.
- In mijn kamer chill ik of ik game.
- In meinem Zimmer chille ich oder ich game.
- Mijn kamer heeft een groot raam/
twee ramen. - Mein Zimmer hat ein großes Fenster/
zwei Fenster.