Het ademhalingsstelsel
Publiek
Woorden in deze lijst (16)
Origineel
- Ademhalingsstelsel
- Het stelsel van organen dat zorgt voor de opname van zuurstof uit de lucht.
- Strottenhoofd
- Orgaan aan de bovenkant van de luchtpijp waarin de stembanden liggen.
- Luchtpijp
- Een holle buis die de keelholte verbindt met de bronchiën en die door kraakbeenringen altijd openstaat.
- Bronchiën
- De twee vertakkingen van de luchtpijp die naar de longen leiden.
- Luchtpijptakjes
- De kleinste buisjes in de longen waarin de bronchiën zich vertakken.
- Longblaasjes
- Trosjes aan het einde van de luchtpijptakjes waar de uitwisseling van zuurstof en koolstofdioxide plaatsvindt.
- Middenrif
- Een stevig, gespierd vlies dat de romp verdeelt in de borstholte en de buikholte.
- Neusslijmvlies
- Slijmvlies in de neusholte dat de ingeademde lucht vochtig en warm maakt en stofdeeltjes opvangt.
- Trilharen
- Kleine haartjes in het slijmvlies die slijm met stofdeeltjes naar de keelholte verplaatsen.
- Reukzintuig
- Zintuig boven in de neusholte dat de binnenstromende lucht keurt en waarschuwt voor stinkende gassen.
- Strotklepje
- Klepje dat de luchtpijp afsluit tijdens het slikken om te voorkomen dat er voedsel in komt.
- Huig
- Deel dat de neusholte afsluit tijdens het slikken van voedsel.
- Adamsappel
- Het naar voren uitstekende deel van het strottenhoofd dat vooral bij mannen zichtbaar is.
- Stembanden
- Structuren in het strottenhoofd waarmee klanken kunnen worden gevormd.
- Kraakbeenringen
- Hoefijzervormige ringen in de wand van de luchtpijp en bronchiën die ervoor zorgen dat deze altijd openstaan.
- Longhaarvaten
- Een netwerk van kleine bloedvaatjes rondom de longblaasjes voor de uitwisseling van gassen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–