Welke begrippen moet je kennen?
Publiek
Woorden in deze lijst (39)
Origineel
- absolute ligging
- De coördinaten van een plaats (N.B. /
Z.B en W.L / O.L.). - achterland
- Het gebied waarop een haven is gericht voor de aan- en afvoer van goederen.
- agglomeratievoordeel
- Het voordeel dat bedrijven hebben doordat ze vlak bij elkaar zitten.
- aquifer
- Waterdragende laag in de ondergrond.
- arbeidsmigrant
- Iemand die voor zijn werk (tijdelijk) in een ander gebied gaat wonen.
- armoedegrens
- Het inkomen dat iemand nodig heeft om te kunnen voorzien in de basisbehoeften.
- basisbehoefte
- Iets wat iedereen echt nodig heeft om redelijk te kunnen leven: voedsel, huisvesting, onderwijs, gezondheidszorg en veiligheid.
- bevolkingsconcentratie
- Opeenhoping van mensen in een gebied.
- bevolkingskenmerk
- Kenmerk van de bevolking van een gebied. Er zijn vier groepen: demografische, economische, culturele en politieke kenmerken.
- bnp per inwoner
- Het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking.
- bronoase
- Plek in de woestijn waar grondwater aan de oppervlakte komt.
- container
- Laadkist met standaardafmetingen, zodat ze gemakkelijk gestapeld kunnen worden en op verschillende vervoermiddelen passen.
- cultuur
- Alles wat je hebt aangeleerd.
- cultuurgebied
- Gebied met overeenkomsten in cultuur.
- democratie-index
- Ranglijst van alle landen in de wereld op basis van de kwaliteit van de democratie in die landen.
- demografisch kenmerk
- Kenmerk dat gaat over de omvang en samenstelling van de bevolking.
- diffusie
- De verspreiding van cultuurelementen van het ene naar het andere cultuurgebied.
- diversificatie
- Het minder eenzijdig maken van de economie.
- druppelirrigatie
- Hightechirrigatie waardoor elk plantje via een buisje precies voldoende water krijgt.
- duurzaamheid
- Op zo'n manier omgaan met de aarde dat deze ook voor toekomstige generaties leefbaar is.
- ecologische voetafdruk
- Het aantal hectares dat iemand of een land gemiddeld in een jaar gebruikt om in de behoeften te voorzien.
- economisch kenmerk
- Kenmerk dat gaat over werk en geld.
- fossiel water
- Grondwater uit een periode met een natter klimaat; het kan duizenden jaren oud zijn.
- geopolitiek
- Het inzetten van economische, politieke en militaire middelen door (regionale) grootmachten om hun invloed op bepaalde gebieden te vergroten.
- global city
- Zie wereldstad.
- global shift
- Het verschuiven van het economische zwaartepunt in de wereld van het gebied rond de Atlantische Oceaan naar het gebied rond de Grote Oceaan.
- goederenoverslag
- De totale aan- en afvoer van goederen, bijvoorbeeld in een haven.
- greenwashing
- Het misleiden van mensen door overheden of bedrijven die zich duurzamer voordoen dan ze daadwerkelijk zijn.
- grondwater
- Water dat zich in de ondergrond bevindt.
- hoogseizoen
- Hier: Periode in het jaar waarin een gebied veruit de meeste toeristen trekt.
- hub and spokes
- Verbindingen van een grote lucht- of zeehaven (de hub) met een groot aantal kleinere havens (de spokes).
- infiltratie
- Het wegzakken van water in de grond.
- intermodaal transport
- Meerdere, op elkaar afgestemde vormen van transport.
- kennismigrant
- Theoretisch opgeleide werknemer die naar een ander land verhuist om er te werken in een functie waarvoor specialistische kennis nodig is. Heet ook expat.
- klimaatafspraak
- Internationale afspraak die landen maken om klimaatverandering te voorkomen of om de gevolgen ervan te beperken.
- leefbaarheid
- Mate waarin een gebied geschikt is om er te leven.
- mainport
- Knooppunt in transportroutes tussen werelddelen.
- massagoederen
- Goederen die los in het ruim van een schip of in de container of de laadbak van een vrachtwagen of goederentrein worden gestort.
- massatoerisme
- Toerisme waarbij heel veel toeristen tegelijkertijd op dezelfde plek verblijven.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–