De Geo - Leerboek - 1 havo/vwo (Editie 2022) - Land in Zuidoost-Azië: Indonesië - Begrippen
Publiek
Woorden in deze lijst (55)
Origineel
- akkerbouw
- Het verbouwen van voedingsgewassen en niet-eetbare gewassen op stukken grond (akkers).
- arbeidsextensief
- Bedrijf dat weinig arbeid nodig heeft.
- arbeidsintensief
- Bedrijf dat veel arbeid nodig heeft.
- archipel
- Eilandengroep.
- assemblage
- Het in elkaar zetten van een product.
- beroepsbevolking
- Mensen die betaald werk (willen) doen.
- bevolkingsdichtheid
- Het gemiddelde aantal inwoners per vierkante kilometer (inw/
km²). - bosbouw
- Het kweken van bomen.
- breedteligging
- De afstand van een plaats tot de evenaar.
- commerciële dienstverlening
- Dienstverlening met als doel geld te verdienen, zoals handel/
banken/ transport/ winkels/ horeca. - cultuur
- Alles wat je hebt aangeleerd.
- cultuurgebied
- Gebied met overeenkomsten in cultuur.
- diffusie
- De verspreiding van cultuurelementen van het ene naar het andere cultuurgebied.
- dimensie
- De invalshoek van waaruit je een bepaald onderwerp bekijkt: fysisch/
economisch/ sociaal-cultureel/ demografisch of politiek. - etnische groep
- Deel van een volk dat in een ander land bij elkaar woont.
- evenaar
- Lijn die de aardbol in twee helften verdeelt: het noordelijk halfrond en het zuidelijk halfrond.
- geboorteoverschot
- Als er in een jaar meer mensen worden geboren dan dat er mensen sterven.
- informele sector
- Ongeschoold, slechtbetaald werk in de dienstensector.
- irrigatie
- Het kunstmatig nathouden van landbouwgronden.
- kapitaalintensief
- Als een bedrijf dure kapitaalgoederen nodig heeft om te kunnen produceren.
- kolonie
- Gebied in een ander werelddeel dat in het bezit is van (meestal) een Europees land.
- krottenwijk
- Een zelfbouwwijk met slechte huizen, weinig voorzieningen en onzekerheid voor de bewoners of ze er mogen blijven wonen.
- kunstmatige grens
- Een grens die door mensen is bepaald en die is aangegeven met borden en grenspalen.
- landbouw
- Het houden van dieren of het verbouwen van gewassen voor menselijk gebruik.
- lingua franca
- Taal die op grote schaal als voertaal wordt gebruikt door mensen met verschillende moedertalen.
- mechanisatie
- Vervangen van menselijke arbeid door machines.
- megalopolis
- Een aantal aaneengesloten stedelijke gebieden met meerdere centrale steden die ieder meer dan 1 miljoen inwoners hebben.
- monocultuur
- Het verbouwen van één product.
- multicultureel
- Mensen uit verschillende culturen die met elkaar samenleven.
- natie
- Een volk dat in één staat woont.
- natiestaat
- Een staat waar één volk woont.
- natuurlijke bevolkingsgroei
- Bevolkingsgroei of bevolkingsafname door het aantal geboorten min het aantal sterftes.
- natuurlijke grens
- Een grens langs een natuurlijk obstakel, zoals een rivier of een gebergte.
- overbevolking
- Als er in een gebied meer mensen zijn dan de middelen van bestaan toelaten.
- plantage
- Landbouwonderneming waar op grote schaal één bepaald gewas wordt verbouwd.
- primaire sector
- Werk waarbij producten regelrecht uit de natuur worden gehaald.
- primate city
- Een stad die veel groter en belangrijker is dan elke andere stad in het land.
- quartaire sector
- Niet-commerciële diensten, zoals gezondheidszorg/
onderwijs/ defensie/ brandweer/ rechtspraak. - ruraal-urbane migratie
- De migratie van het platteland naar de stad.
- sawa
- Rijstakker die door irrigatie onder water staat.
- secundaire sector
- Werk waarbij producten uit de primaire sector worden bewerkt.
- sociale bevolkingsgroei
- Verandering van het bevolkingsaantal door vestiging min vertrek.
- schiereiland
- Een gebied dat aan drie kanten is omringd door zee.
- staat
- Een gebied met duidelijke grenzen en een bestuur dat eigen baas is (soeverein).
- stijgingsregen
- Regen die ontstaat door opwarming van de lucht, waardoor die lucht gaat stijgen en afkoelen.
- tertiaire sector
- Alle bedrijven die zich bezighouden met het verlenen van diensten, in het bijzonder commerciële dienstverlening.
- tropen
- Warme luchtstreek bij de evenaar tussen 23½° N.B en 23½° Z.B.
- tropisch klimaat
- Warm, vochtig klimaat met een gemiddelde temperatuur die altijd hoger is dan 18 °C.
- tropisch regenwoud
- Dicht ondoordringbaar bos in de warme, vochtige tropen.
- tuinbouw
- Een vorm van akkerbouw, met speciale tuinbouwgewassen zoals groente/
fruit/ bloemen. - urbanisatiegraad
- Het percentage stedelingen in een land.
- urbanisatietempo
- De snelheid waarmee de urbanisatiegraad toeneemt.
- veeteelt
- Het houden van dieren voor bepaalde producten.
- verstedelijking
- Stijging van het percentage mensen dat in een stad woont.
- volk
- Een groep mensen die al eeuwenlang samenwoont en dezelfde cultuur heeft.