Elektriciteit in huis
Publiek
Woorden in deze lijst (11)
Origineel
- Huisinstallatie
- Het netwerk van elektriciteitsdraden dat door de muren en plafonds van een woonhuis loopt zodat overal elektrische energie gebruikt kan worden.
- Groep
- Een onderdeel van de huisinstallatie dat bestaat uit een aantal parallel geschakelde vertakkingen die elk naar één stopcontact of lichtpunt leiden.
- Groepsschakelaar
- Een schakelaar waarmee de spanning van alle stopcontacten en lichtpunten in een specifieke groep kan worden uitgeschakeld.
- Fasedraad
- De bruine elektriciteitsdraad in de huisinstallatie waar een wisselspanning van 230 V op staat.
- Nuldraad
- De blauwe elektriciteitsdraad in de huisinstallatie die de stroomkring afmaakt en waarop in principe geen spanning staat.
- Schakeldraad
- De zwarte elektriciteitsdraad die van een schakelaar naar een lamp loopt en waar alleen spanning op staat als de schakelaar aan staat.
- Vermogen
- De hoeveelheid elektrische energie die een apparaat per seconde verbruikt, berekend door de spanning te vermenigvuldigen met de stroomsterkte.
- Kilowattuur (kWh)
- Een eenheid voor elektrische energie die veel wordt gebruikt voor het meten van het verbruik in huis, waarbij 1 kWh gelijk is aan 3,6 MJ.
- Energiemeter
- Een meter die het verbruik van elektrische energie in huis meet, ook wel kWh-meter genoemd.
- Installatieautomaat
- Een beveiliging die de spanning in een groep automatisch uitschakelt wanneer de stroomsterkte te groot wordt.
- Bimetaal
- Een strip bestaande uit twee verschillende metalen die kromtrekt bij verhitting doordat de metalen ongelijk uitzetten.