Begrippen AK
Publiek
0keer geoefend
Woorden in deze lijst (36)
Origineel
- actualiteitsbeginsel
- Principe waarbij ervan uitgegaan wordt dat natuurprocessen in het verleden en het heden op dezelfde manier verlopen.
- asthenosfeer
- zachtere, vrij plastische laag in de aardmantel
- basalt
- stollingsgesteente dat ontstaat door snelle afkoeling van lava bij een vulkaanuitbarsting
- breukgebergte
- Gebergte dat ontstaat in een gebied met een sterke breukactiviteit
- Caldeira
- Zeer grote vulkaankrater die is ontstaan door het instorten van het dak van een leeggelopen magmakamer
- Convectiestroom
- stroming van vloeibaar en plastisch gesteente die in de mantel opwelt, onder de lithosfeer afkoelt, zijdelings wegstroomt en uiteindelijk weer daalt
- convergente plaatgrens
- gebied waar twee tektonische platen bij elkaar komen en botsen
- diepzeetrog
- langgerekte, diepe kloof langs de rand van duikende oceanische platen
- divergente plaatgrens
- gebied waar twee tektonische platen bij elkaar komen en botsen
- effusieve eruptie
- rustige vulkaanuitbarsting van vloeibare lava
- explosieve eruptie
- zeer krachtige vulkaanuitbarsting van taaie lava, vulkaanbommen en as
- graniet
- stollingsgesteente met zichtbare kristallen dat ontstaat bij langzame afkoeling van magma
- horst
- hoger gelegen gebied tussen breuken bij een breukgebergte
- hotspot
- hete plek in de asthenosfeer en de lithosfeer boven een mantelpluim, die gepaard gaat met vulkanisme
- intensiteit
- mate van de gevolgen van de trillingen van een aardbeving
- kalksteen
- sedimentgesteente dat ontstaat door de opeenhoping van stoffelijke overblijfselen van in de zee levende organismen
- leisteen
- metamorf gesteente dat is ontstaan uit kleisteen
- lithosfeer
- harde vaste buitenlaag van de aarde
- magnitude
- maat voor de energie die bij een aardbeving vrijkomt
- marmer
- metamorf gesteente dat is ontstaan uit kalksteen
- metamorf gesteente
- gesteente dat van samenstelling is veranderd nadat het langere tijd onder hoge druk en hoge temperatuur heeft gestaan.
- mid-oceanische rug
- onderzeese gebergteketen die is ontstaan doordat mantelmateriaal bij een divergente breukzone aan de oppervlakte komt en een bergrug heeft gevormd
- plooiingsgebergte
- gebergte dat is ontstaan door plooiing van de aardkorst
- pyroclastica
- gloeiende wolken van as en stof die bij een heftige vulkaanuitbarsting van de hellingen afrollen
- ridge push
- wegduwen van nieuwe lithosfeer van de mid-oceanische rug door de zwaartekracht
- schaal van Mercalli
- schaal die de intensiteit van de aardbevingen meet
- schaal van Richter
- schaal waarmee de kracht van een aardbeving wordt aangegeven
- schildvulkaan
- lange brede vulkaan met flauwe hellingen, die bestaan uit lagen vloeibare lava
- sediment gesteente
- afzettingsgesteente
- slab pull
- het door de convectiestromen naar de diepte trekken van de oceanische lithosfeer bij de subductiezone
- slenk
- langgerekt gedeelte van de aardkorst dat langs breuken relatief gedaald is ten opzichte van de omgeving
- stollingsgesteente
- gesteente dat ontstaat door afkoeling en stolling van vloeibaar magma
- stratovulkaan
- vulkaan met steile hellingen, die is opgebouwd uit lagen lava en pyroclastisch materiaal
- subductie
- het wegduiken van een oceanische plaat onder een andere plaat
- transforme plaatgrens
- grens waar de platen langs elkaar bewegen
- zandsteen
- sedimentgesteente dat bestaat uit ineen gedrukte en samen gekitte zandkorrels