4. Natuurrampen in Japan
Publiek
Woorden in deze lijst (46)
Origineel
- aardbeving
- Schokkende/
trillende beweging van een gedeelte van de aardkorst door de werking van endogene krachten. - aardkorst
- Dunne laag gesteente aan de buitenkant van de aarde, met een dikte van gemiddeld 7 km onder oceanen en 30 km onder continenten.
- breuk
- Barst/
scheur in de aardkorst. - caldera
- Zeer grote vulkaankrater die is ontstaan door het instorten van het dak van een leeggelopen magmakamer.
- calderavulkaan
- Oude vulkaan met een grote, kilometers brede krater door het leeglopen van de magmakamer waardoor het dak ervan is ingestort.
- continentale plaat
- Stuk van de aardkorst dat bestaat uit lichter gesteente en dat een continent vormt.
- convectiestroom
- Stroming van het gesmolten gesteente binnen in de aarde.
- endogene kracht
- Kracht die van binnenuit de aardkorst verandert.
- epicentrum
- Het punt waar de aardbeving aan het oppervlak komt, loodrecht boven het hypocentrum.
- eruptie
- Vulkaanuitbarsting.
- evacueren
- Een gebied verlaten omdat het er niet meer veilig is.
- exogene kracht
- Kracht die van buitenaf de aardkorst verandert.
- fumarol
- Scheur in de aardkorst waardoor hete gassen ontsnappen.
- geiser
- Heetwaterbron die met tussenpozen heet water en stoom de lucht in spuit.
- geothermie
- Aardwarmte.
- gloedwolk
- Hete gassen vermengd met stenen en as die bij een vulkaanuitbarsting de helling afrazen. Heet ook pyroclastische stroom.
- hazard management
- Beleid om schade bij natuurrampen te voorkomen.
- hot spring
- Bron die ontstaat door de geothermische verwarming van grondwater. Heet ook warmwaterbron.
- hypocentrum
- Plaats diep in de aardkorst waar de aardbeving begint (aardbevingshaard).
- krater
- Groot gat met steile wanden in een vulkaan dat ontstaat tijdens een vulkaanuitbarsting.
- kratermeer
- Meer dat is ontstaan door het vollopen van een krater.
- lava
- Magma dat door de aardkorst naar buiten is gestroomd.
- magma
- Heet, vloeibaar gesteente binnen in de aarde.
- magmakamer
- Ruimte in een vulkaan die gevuld is met magma.
- mid-oceanische rug
- Langgerekte bergrug onder in de zee, ontstaan doordat magma bij het uit elkaar drijven van oceanische platen naar boven komt.
- momentmagnitudeschaal
- Schaal die de kracht van een aardbeving aangeeft.
- natuurramp
- Ramp veroorzaakt door de natuur met veel slachtoffers en grote schade.
- oceanische plaat
- Stuk van de aardkorst dat bestaat uit zwaarder gesteente en dat bedekt is met oceaan.
- plaat
- Stuk van de aardkorst. Heet ook schol.
- postvulkanisch verschijnsel
- Vulkanisch verschijnsel dat voorkomt bij een vulkaan die niet meer actief is.
- pyroclastische stroom
- Hete gassen vermengd met stenen en as die bij een vulkaanuitbarsting de helling afrazen. Heet ook gloedwolk.
- reliëf
- Hoogteverschillen in het landschap.
- schaal van Mercalli
- Schaal die de schade en de heftigheid van een aardbeving aangeeft.
- schaalniveau
- De schaal waarop je naar de wereld kijkt: lokaal/
regionaal/ nationaal/ continentaal of mondiaal. - schildvulkaan
- Lage, brede vulkaan met flauwe hellingen.
- schol
- Stuk van de aardkorst. Heet ook plaat.
- seismoloog
- Wetenschapper die zich bezighoudt met het bestuderen van aardbevingen.
- spleeteruptie
- Zeer vloeibare en snelstromende lava komt uit kilometerslange scheuren in de lithosfeer naar buiten.
- stratovulkaan
- Vulkaan met steile hellingen die opgebouwd is uit lagen lava en pyroclastisch materiaal.
- subductie
- Het wegduiken van een oceanische plaat onder een continentale plaat.
- trog
- Diepe kloof onder in de zee, ontstaan door subductie van een oceanische plaat.
- tsunami
- Hoge vloedgolf die vanaf zee de kust overspoelt en die wordt veroorzaakt door een zeebeving.
- tufsteen
- Vrij zachte steensoort die bestaat uit een aan elkaar gekitte vulkanische as.
- vulkaan
- Berg die is ontstaan door het naar buiten stromen van lava.
- warmwaterbron
- Bron die ontstaat door de geothermische verwarming van grondwater. Heet ook hot spring.
- zeebeving
- Aardbeving waarvan het hypocentrum in de zee ligt.