GeschiedenisWerkplaats - FLEX-boek - 1 VWO - 3 De Grieken - Begrippen

Publiek
10keer geoefend
Woorden in deze lijst (41)
Origineel
- aanleiding
- directe oorzaak
- argument
- wat je aanvoert om een standpunt te bewijzen of om iets te doen
- bondgenoot
- iemand met wie je politiek of militair samenwerkt
- buitenlandse politiek
- contacten met andere staten
- heerschappij
- bestuur/
regering - motief
- reden waarom je iets doet
- wapenstilstand
- afgesproken onderbreking van de oorlog
- Dorische zuil
- zuil met dikke vorm en eenvoudig kapiteel zonder voetstuk
- Ionische zuil
- zuil met slanke vorm, voetstuk en krulvormig kapiteel
- kapiteel
- bovenste deel van een zuil
- klassiek
- iets is zó goed dat het een tijd later nog steeds wordt nagedaan
- komedie
- grappig, vrolijk toneelstuk
- Korintische zuil
- zuil met slanke vorm, uitgebreid voetstuk en kapiteel met bladeren
- tragedie
- ernstig toneelstuk met slechte afloop
- aristocratie
- regering van een groep aanzienlijke mensen
- bestuursvorm
- hoe een gebied wordt bestuurd
- burger
- inwoner van een staat met bepaalde rechten en plichten
- burgerschap
- als iemand de rechten van een burger heeft
- demagoog
- 1 bij de Grieken: volksleider/
2 tegenwoordig: iemand die met misleidende verhalen het volk voor zich probeert te winnen - democratie
- bestuursvorm waarbij het volk invloed heeft op de regering
- monarchie
- staat met één vorst
- politiek
- alles wat te maken heeft met het bestuur van een gebied
- rechtspraak
- beslissen over de toepassing van wetten
- tiran
- alleenheerser die (vaak met geweld) de macht heeft gegrepen
- altaar
- offersteen waarbij of waarop offers worden gelegd
- barbaar
- bij de Grieken: vreemdeling
- epos
- lang verhaal op rijm over goden of helden
- filosofie
- 1 bij de Grieken: alle wetenschappen/
2 tegenwoordig: denken over goed en kwaad en de manier waarop kennis wordt verkregen - mythe
- verhalen over goden en halfgoden
- orakel
- plaats waar mensen tot de goden kunnen spreken
- religie
- geloof/
godsdienst - sage
- heldenverhaal
- agora
- centraal plein in een Griekse polis
- geldeconomie
- economie waarin geld wordt gebruikt
- kolonie
- gebied waar een groep mensen zich vestigt
- kolonisatie (koloniseren)
- kolonies stichten
- militair
- 1 persoon die bij het leger werkt/
2 heeft te maken met het leger - nijverheid
- het maken van ambachtelijke producten
- onafhankelijk
- als een staat of persoon over zichzelf beslist
- onderwerpen
- in je macht krijgen, onder je bestuur brengen (zich onderwerpen: zich overgeven)
- stadstaat (polis, meervoud: poleis)
- staat die bestaat uit een stad en het gebied eromheen