Begrippen van Omzet en Winst
Publiek
Woorden in deze lijst (13)
Origineel
- Afzet
- Het aantal producten dat je verkoopt, meestal in een bepaalde periode.
- Bedrijfskosten
- Kosten zoals afschrijvingen, loonkosten en huur die van de brutowinst worden afgehaald.
- Brutowinst
- De winst die een ondernemer maakt voordat de andere bedrijfskosten ervan af zijn gehaald. Te berekenen als Omzet - Inkoopwaarde van de omzet.
- Constante kosten
- Kosten die niet afhangen van de productiehoeveelheid.
- Inkoopwaarde van de omzet
- De inkoopkosten van alle verkochte producten. Te berekenen als Afzet x Inkoopprijs.
- Kostprijs
- De totale prijs die het kost om één product te maken. Te berekenen als (Constante kosten /
Afzet) + Variabele kosten per product. - Netto resultaat
- Het resultaat na aftrek van bedrijfskosten van de brutowinst.
- Netto verlies
- Een negatief netto resultaat, als het netto resultaat onder de nul eindigt.
- Nettowinst
- Een positief netto resultaat.
- Omzet
- Hoeveel geld het oplevert om producten in totaal te verkopen. Te berekenen als Afzet x Verkoopprijs.
- Variabele kosten per product
- Kosten die wel afhangen van de productiehoeveelheid en per product worden berekend.
- Verkoopprijs
- De prijs waarvoor een product wordt verkocht. Te berekenen als Kostprijs + Winstmarge.
- Winstmarge
- Een percentage over de kostprijs dat een ondernemer rekent om tot de verkoopprijs te komen.
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–
–